Wensen en idealen

Deel 29, februari 2011

         Stelt u zich het volgende eens voor, u gaat uit eten.
U gaat met uw vrouw/man, maar het kan en mag wat mij betreft ook zo maar iemand anders zijn, naar een gerenommeerd restaurant.
Mogelijk is de groep wat groter, wat natuurlijk heel goed kan, want misschien neemt u wat vrienden mee.
U gaat dus naar dat restaurant, omdat het goed bekend staat en men er heerlijk en veel kan eten voor een lage prijs.
Of nog beter, bijna voor niets, vooral in de wintermaanden.
Dat is waarschijnlijk ook een van de redenen, dat het er eigenlijk altijd wel druk is.
De vegetarische gerechten zijn uitzonderlijk goed en daar wordt ook zeer veel gebruik van gemaakt.
Juist door dat vegetarische krijgt het etablissement ook zo veel aanloop.
De koks van dit eethuis hebben vooral in de wintermaanden de plantaardige gerechten van wat meer vet voorzien, zodat het niet alleen lekkerder wordt, maar ook zorgt voor wat meer energie in de koudste maanden van het jaar.
Daar is dus over nagedacht en ook dat trekt weer meer gasten.
Het is dan ook een fraai gezicht, al die op energie beluste eters druk in de weer te zien met de aangeboden schotels.
En ze vinden het allemaal, zonder uitzondering, heel lekker.
         Echter, het is wel een beetje raar eethuis.
Het eetcafé is op zich eigenlijk niet zo raar, maar de bezoekers gedragen zich vaak zo vreemd.
Ongeveer zo’n elke twee minuten springen ze van de tafel op, rennen naar de zijkant van de zaal en verschuilen zich tussen de daar opgehangen gordijnen.
Het toch wel kostelijke eten laten ze gewoon voor wat het is en blijft op tafel staan.
Na weer ongeveer twee minuten komen de eters stuk voor stuk weer terug, nemen hun plaatsen in en gaan verder met waar ze gebleven waren.
Het is zodoende een heel vreemde eterij en je vraagt je dan ook af hoe het komt dat dit restaurant dan toch telkens nog zo veel klandizie heeft.
Want het volk blijft maar komen en elke keer komen er weer anderen om mee te eten van de bijna gratis maaltijden.
Als het dan uiteindelijk donker wordt, (’s avonds is de tent gesloten) komt er niemand meer en is alles op.
De bedrijfsleiding moet dan nieuwe voorraden laten aanrukken en klaarzetten voor de volgende dag.
Want dan begint die vreemde vertoning weer van voren af aan.
Het kan toch niet gezond zijn, denk je dan, om om de haverklap in de coulissen te moeten verdwijnen?
Zo komt een gezonde eter niet tot rust en dat is vast niet goed voor lichaam en geest.
Gek genoeg doen alle bezoekers mee aan dit heen en weer rennen van de tafel naar de kant en weer terug.
Sommigen, met de grootste bek, gaan dan ook nog eens twisten over de vraag of dit nu wel de juiste tafel was waaraan ze net hebben gezeten en of degenen, die er nu aan zitten maar even willen vertrekken.
Het aangeboden vegetarische voedsel mag dan wel uitermate goedkoop zijn en  je krijgt zo ook veel  lichaamsbeweging, maar of je wel altijd zo uit eten wil gaan wordt dan een begrijpelijke vraag.
Ik zou me dan ook best kunnen voorstellen dat u zich, samen met echtgenote en/of vrienden de grote vraag gaat stellen: “blijven we hier nog komen of maken we een andere keuze”.
Dan kan het zo maar gebeuren dat u de conclusie trekt dit restaurant voortaan niet meer te gaan bezoeken.
U gaat een andere eetgelegenheid uitkiezen, eentje waar meer rust heerst.
Ja, dat zou ik ook doen in uw plaats.
Een andere plek zoeken, waar u niet elke paar minuten van tafeltje naar de muur hoeft te vliegen.
         U hebt het intussen natuurlijk al lang door.
Het ging helemaal niet over een gerenommeerd restaurant, maar over de voedertafel in onze tuin.
Vele vogels maken daar gebruik van, ook van de opgehangen vetbollen.
Maar geen van allen hebben ze rust in de kont!
Geen van allen kunnen ze zich eens even rustig te goed doen aan het uitgestrooide wintervoer.
Geen van de gevederde vriendjes op het plateau gunt zich voldoende tijd om eens uitgebreid te genieten van deze vegetarische maaltijd.
En daarin hebben ze groot gelijk, je moet als voederplankbezoekertje uitermate op je hoede zijn voor aanvallen van vliegende predatoren, die het nou eenmaal niet zo hebben staan op vegetarisch.
Zij zijn het, die dergelijke druk bezochte eetgelegenheden regelmatig nauwkeurig observeren om dan af en toe vliegensvlug, nu en dan met succes, hun slag te slaan.
Wat ze dan te eten krijgen is absoluut niet vegetarisch, maar daar houden zij dan weer van.
Je zal maar ringmus, huismus, heggenmus, roodborst, vink, keep, koolmees of pimpelmees e.v.a. zijn.
Wat een onrustig en onzeker leven heb je dan en je kunt ook nog niet zo maar een andere wintereettent  kiezen want overal loert hetzelfde gevaar!
Toch blij dat ik mens ben!

Bart Smit

Veertjes is een regelmatige bijdrage op de website van Aviornis Nederland.
De column geeft niet noodzakelijk de officiële mening van Aviornis weer.
Klik voor een vergroting
Een grote bonte specht (Dendrocopos major) heeft walnoten ontdekt in deze Betuwse mand (een zg. hoenderik).
Klik voor een vergroting
Ook in Amerika worden spechten gevoerd, zoals deze donsspecht (Picoides pubescens).
Klik voor een vergroting
Treursijsjes (Carduelis tristis) snoepen van diverse zaden.
Klik voor een vergroting
Een sperwer wijf (Accipiter nisus) heeft geluk en snoept van een Turkse tortel... die op zijn beurt pech had tijdens zijn maaltijd op de voedertafel.