Vogel
Mexicaanse eend
Mexicaanse eend
Anas diazi
Log in om deze soort toe te voegenDe Mexicaanse eend (Synoniem: Mexicaanse wilde eend) behoort tot het geslacht Anas binnen de familie van eenden, ganzen en zwanen (Anatidae).
Deze eendensoort, vaak aangezien voor een vrouwelijke wilde eend, is inheems in het centrale en noordelijke deel van Mexico met een klein verspreidingsgebied dat tot de zuidwestelijke Verenigde Staten reikt. De vogel leeft voornamelijk in zoetwatermoerassen, meren, rivieren en ge�rrigeerde landbouwgebieden, waar hij �s winters grote groepen vormt die bij aanvang van het broedseizoen uiteenvallen. Hij is een echte dabbling duck die vooral plantaardig materiaal eet, maar daarnaast ook insecten, ongewervelden en regenwormen pikt. Het nest wordt vaak op een rivieroevers gebouwd, soms op enige afstand van water. Vanwege de overlap met de wilde eend zijn gedrag en ecologie echter nog beperkt beschreven.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Eendachtigen (Anseriformes)
- Bird Family
- Eenden, ganzen en zwanen (Anatidae)
- Bird Genus
- Anas
Ringmaat
Man 11.0 mm Vrouw 11.0 mmWelzijnsadviezen
Watervogels
Watervogels omvat een grote verscheidenheid aan soorten, van kleine talingen tot grote zwanen. De meesten bewonen uiteenlopende waterrijke gebieden en zijn uitstekend aangepast aan een leven op en rond het water. In de avicultuur vragen ze om verblijven met zwemwater en mogelijkheden om te foerageren (watervogelkorrel) en/of te grazen. De inrichting en grootte van het verblijf hangen sterk af van de lichaamsgrootte en het gedrag van de soort. Om de Watervogels op een verantwoorde en diervriendelijke manier te verzorgen, delen wij hieronder de belangrijkste richtlijnen.
- Huisvesting: verblijf met vijver en landgedeelte ca. 4–6 m² per klein paar (bijv. talingen); voor middelgrote ganzen soorten (bijv. roodhalsganzen) een verblijf van circa 10-20m² per paar met voldoende zwemwater, schaduwplekken en windbescherming; voor grote soorten (bijv. zwanen en grote ganzen) 30-50m² per paar. Waterdiepte van circa 30-60cm is veelal voldoende.
- Klimaat: de meeste soorten verdragen gematigde kou. Watervogels hebben zomer en winter behoefte aan open water om het verenpak te kunnen onderhouden. Sommige vorstgevoelige soorten verdienen extra aandacht in de winter en hebben bijverwarming nodig (bijv. pygmeegans).
- Sociaal: groepsdieren; te houden in kolonie of kleine groep; territoriaal tijdens broedperiode; sommige agressieve soorten (zoals casarca’s) in koppels apart huisvesten – voldoende ruimte voorkomt conflicten
- Voeding: watervogelvoer, granen, groenvoer en insecten afhankelijk van soort; dagelijks vers water beschikbaar voor foerageren en poetsen.
- Overig: dagelijkse controle op hygiëne, verenpak en het welzijn van vogels.
Man:
Het mannetje heeft een overwegend bruin verenkleed met donkere schubvormige patronen op borst en flanken. De kop en hals zijn egaal bruin zonder de glanzende groene kop. Een donkere oogstreep is meestal aanwezig. De vleugels hebben een iriserend groene tot blauwgroene speculum, zwart omlijst en vaak met een witte achterrand. De snavel is geel met een donkere nagel, de poten zijn oranje en de iris donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje is vrijwel identiek aan het mannetje, maar gemiddeld iets kleiner en fijner van bouw. De snavel is vaak wat matter geel met meer donkere vlekjes. De poten en iris zijn gelijk aan die van het mannetje.
Juveniel:
Juvenielen lijken sterk op vrouwtjes, maar zijn grijzer en doffer van kleur. Het geschubde patroon op borst en flanken is minder uitgesproken. De speculum is aanwezig maar minder glanzend. De snavel is grijzer van toon, de poten vleeskleurig tot grauworanje en de iris donker.
Kuiken:
De kuikens zijn donkerbruin donsachtig aan de bovenzijde en geelachtig aan de onderzijde. Ze hebben een donkere kruinstreep en rugstrepen met lichtere wangen en kin. De snavel is klein en grijs, de poten vleeskleurig en de iris donker.