Oustalets trap

Lophotis gindiana

Log in om deze soort toe te voegen

De Oustalets trap behoort tot het geslacht Lophotis binnen de familie van Trappen (Otididae).

De Ethiopische kuiftrap is een vogel die in Oost-Afrika voorkomt, met name in Ethiopi�, Somali�, Kenia en noordelijk Tanzania. Het leefgebied bestaat uit terreinen met struikgewas en hoogvlakten tot 1800 meter boven zeeniveau. Deze vogel is ground-dwelling en heeft een stabiele populatie, waardoor ze als niet bedreigd wordt beschouwd op de Rode Lijst van de IUCN.

Oustalets trap
Buff-crested Bustard
�thiopientrappe
Outarde d'Oustalet

Taxonomische indeling

Bird Order
Trappen (Otidiformes)
Bird Family
Trappen (Otididae)
Bird Genus
Lophotis

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Trappen

Trappen zijn grote, grondbewonende vogels van open landschappen zoals steppes en savannes. Ze zijn krachtige lopers en sterke vliegers over korte afstanden, maar zeer gevoelig voor verstoring. In de avicultuur vragen Trappen om zeer ruime, rustige verblijven met open zichtlijnen, droge bodems en minimale stress. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: zeer ruim buitenverblijf met open terrein (200–300 m² per koppel of meer); gras- of zandbodem; vrije zichtlijnen; binnenverblijf ± 4–5 m² per vogel, droog en ruim.
  • Klimaat: droog en open; temperatuur 5–30 °C afhankelijk van soort; bescherming tegen regen, sneeuw en wind; schaduw in zomer noodzakelijk.
  • Sociaal: solitair of per koppel; mannetjes territoriaal tijdens balts; rustige, prikkelarme omgeving essentieel.
  • Voeding: granen, groenvoer, insecten en kleine dierlijke eiwitten; speciaal trappen- of kraanvogelvoer; voer op de grond aanbieden; altijd schoon water aanwezig.
  • Overig: stressgevoelig; dagelijkse gezondheidscontrole aanbevolen; broedplek op open grond; afgelegen ligging van het verblijf bevordert welzijn en veiligheid.
Huisvestingsrichtlijnen waterpartij voliere

Man:
De man heeft een opvallend glanzend verenkleed met een rijke kastanjebruine tint op de rug. De kop is donkerder met een subtiele groene glans, die contrasteert met de lichtere nek. De borst is diep zwart met een lichte, zilverachtige rand aan de veren. De buik toont een meer matte, grijsbruine kleur, die naar de flanken toe lichter wordt. Vleugels zijn donker met een opvallende witte bandering die zichtbaar is in vlucht. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan de punt. De poten zijn donkergrijs met een gladde textuur.

Vrouw:
De vrouw heeft een minder glanzend verenkleed met een overwegend bruine tint op de rug. De kop is lichter dan die van de man, met een subtiele beige waas. De borst is lichtbruin met een fijne, donkere stippeling die naar de buik toe vervaagt. De buik is egaal lichtgrijs, zonder opvallende markeringen. Vleugels zijn bruin met een minder uitgesproken bandering dan bij de man. De snavel is slanker en donkergrijs, met een rechte vorm. De poten zijn lichtgrijs met een iets ruwe textuur.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer verenkleed met een overwegend grijsbruine tint op de rug en vleugels. De kop is egaal grijs met een lichte, onopvallende streep boven de ogen. De borst is lichtgrijs met een vage, donkere vlekkerigheid die naar de buik toe vervaagt. De buik is bleker dan de borst, met een bijna witte ondertoon. Vleugels hebben een subtiele, onregelmatige bandering die minder contrasterend is dan bij volwassenen. De snavel is korter en lichter grijs, met een rechte vorm. De poten zijn bleekgrijs met een gladde textuur.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een zacht, donzig verenkleed dat overwegend lichtgrijs is. De snavel en poten zijn bleekgeel en nog niet volledig ontwikkeld.