Kortsnavelduif

Columba nigrirostris

Log in om deze soort toe te voegen

De Kortsnavelduif behoort tot het geslacht Columba uit de familie van duiven (Columbidae)

.

Deze middelgrote duif komt voor in de tropische bossen van zuidoostelijk Mexico tot noordwestelijk Colombia. Ze bewonen laagland- en bergwouden, waar ze zich voeden met fruit en zaden. Hun gedrag kenmerkt zich door rustige bewegingen en karakteristieke roepen, vaak te horen in dichte bossen.

Kortsnavelduif
Short-billed Pigeon
Kurzschnabeltaube
Pigeon à bec noir

Taxonomische indeling

Bird Order
Duiven (Columbiformes)
Bird Family
Duiven (Columbidae)
Bird Genus
Columba

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.

Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Duiven

Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag.  De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
  • Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
  • Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
  • Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
  • Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Huisvestingsrichtlijnen Duiven

Man:
Het mannetje is een middelgrote bosduif van circa 33-35 cm lengte. Het verenkleed is overwegend grijs, met een subtiele blauwgrijze tint op kop en nek. De borst is lichter grijs met een zachte purperen of roze glans die vooral in zonlicht zichtbaar is. De mantel en vleugels zijn donkerder leigrijs, waarbij de vleugeldekveren iets lichtere randen kunnen hebben. De staart is middellang, afgerond en donkergrijs met een bredere zwarte eindband. Kenmerkend is de stevige, zwartgekleurde snavel waaraan de soortnaam refereert. De poten zijn rood tot karmozijnrood, de iris oranje tot geelachtig, omlijst door een fijne grijze oogringen.

Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje maar is gemiddeld iets kleiner en mist vaak de uitgesproken glans op de borst. De kop en nek zijn matter grijs, en de overgang tussen borst en buik is minder contrastrijk. Overige kenmerken zoals snavel, poten en staarttekening zijn gelijk.

Juveniel:
Juvenielen hebben een egaler, donkerder bruingrijs verenkleed zonder iriserende glans. De vleugels tonen bredere, lichtere randen waardoor een geschubd effect ontstaat. De iris is donkerbruin in plaats van oranje of geel, de poten zijn valer rood en de snavel is donkergrijs tot zwart, maar slanker dan bij volwassenen.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met dun, grijsbruin dons. De bovenzijde is donkerder, de onderzijde vuilwit tot crème. De snavel is klein en donkergrijszwart, de poten vleeskleurig en de ogen zijn aanvankelijk gesloten, later donkerbruin. De karakteristieke borstglans en zwarte snavel verschijnen pas naarmate de vogel verder uitgroeit.