Vlekborstspecht

Dendropicos poecilolaemus

Log in om deze soort toe te voegen

De Vlekborstspecht behoort tot het geslacht Dendropicos binnen de familie van Spechten (Picidae).

Deze speckle-breasted houtduif leeft in bossen en bosrijke gebieden van Centraal- en Oost-Afrika, van Nigeria tot Oeganda en Zuid-Soedan. Hij voedt zich met insecten en larven die hij uit de schors van bomen hakt. Tijdens het broedseizoen timmert hij nestholtes en communiceert hij met kloppende geluiden.

Vlekborstspecht
Speckle-breasted Woodpecker
Tropfenspecht
Pic � poitrine tachet�e

Taxonomische indeling

Bird Order
Spechtachtigen (Piciformes)
Bird Family
Spechten (Picidae)
Bird Genus
Dendropicos

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Spechten

Spechten zijn boombewonende insecteneters die een actief en territoriaal gedrag vertonen. In de avicultuur vragen ze om goed beplante volières met veel klimmogelijkheden, natuurlijke stammen en nestgelegenheid om hun natuurlijke gedrag uit te oefenen. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (10–15 m² per koppel, ≥ 2,5–3 m hoog) met meerdere boomstammen of dikke takken om in te kloppen en foerageren; zachte houtsoorten zoals wilg of populier geschikt; deels beschutte zones en droog, tochtvrij binnenverblijf bij kou of regen.
  • Klimaat: bestand tegen gematigde kou; tropische soorten vorstvrij bij >15 °C; goed geventileerd en droog verblijf voorkomt schimmelvorming.
  • Sociaal: leven in paren; territoriaal – niet in groepen houden; tijdens broedperiode gevoelig voor verstoring; rust noodzakelijk.
  • Voeding: insectenvoer of zachtvoer voor insecteneters; aanvullen met levende insecten (meelwormen, krekels, moriowormen) en boomlarven; af en toe noten, bessen en fruit; in kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers drink- en badwater.
  • Overig: nestblokken of uitgeholde stammen (40–60 cm diep) noodzakelijk voor broedgedrag; regelmatig nieuwe takken aanbieden om klopgedrag te stimuleren; rustige, natuurlijke omgeving bevordert welzijn en broedsucces.
Huisvestingsrichtlijnen Spechten

Man:
De man heeft een opvallend rood petje dat scherp contrasteert met de zwarte nek. Zijn rug is olijfgroen met subtiele zwarte vlekken, terwijl de vleugels donkerder zijn met lichte randen. De borst en buik zijn lichtgeel met fijne zwarte streepjes, die naar de flanken toe breder worden. De snavel is recht en zwart, met een lichte glans. De poten zijn grijs en hebben een robuuste structuur. De iris is donkerbruin, omgeven door een dunne, lichte oogring.

Vrouw:
De vrouw mist het rode petje en heeft in plaats daarvan een olijfkleurige kruin. Haar rug is vergelijkbaar met die van de man, maar de vlekken zijn minder uitgesproken. De borst en buik zijn iets bleker, met een subtiele streping. De snavel is iets korter en heeft een matte afwerking. De poten zijn eveneens grijs, maar iets slanker. De iris is donkerbruin, met een iets bredere oogring dan de man.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffere kleurstelling met een bruinige tint over het gehele verenkleed. De kop is minder contrastrijk, met een vage roodachtige tint op de kruin. De rug en vleugels zijn donkerbruin met lichte randen, die bij slijtage vervagen. De borst en buik zijn vaalgeel met onregelmatige streepjes. De snavel is korter en lichter van kleur dan bij volwassenen. De poten zijn bleekgrijs en minder robuust. De iris is lichtbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijsachtige donslaag. Hun snavel is kort en bleekgrijs.