Parelhalstortel (kleine)

Spilopelia chinensis suratensis

Log in om deze soort toe te voegen

De Parelhalstortel (kleine) behoort tot het geslacht Spilopelia uit de familie van duiven (Columbidae)

.

Deze vogel komt voor in Pakistan, India, Nepal en Bhutan, waar hij leeft in open landschappen, parken en tuinen. Hij voedt zich voornamelijk met zaadjes en kleine insecten en vertoont een rustig, sociaal gedrag. Zijn kenmerkende roep en gespikkelde nek maken hem gemakkelijk herkenbaar.

Parelhalstortel (kleine)
Spotted Dove (suratensis)
Spotted Dove (suratensis)

Taxonomische indeling

Bird Order
Duiven (Columbiformes)
Bird Family
Duiven (Columbidae)
Bird Genus
Spilopelia

Ringmaat

Man 5.5 mm Vrouw 5.5 mm

Welzijnsadviezen

Duiven

Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag.  De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
  • Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
  • Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
  • Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
  • Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Huisvestingsrichtlijnen Duiven

Man:
Het mannetje is een kleine duif van circa 28-30 cm lengte. Het verenkleed is warm kastanjebruin met een duidelijke geschubde tekening: de veren van rug en vleugels hebben donkere centra en brede, lichte randen. De kop en borst zijn lichtgrijsbruin met een zachte roze zweem. De hals draagt een contrastrijke zwart-witte gespikkelde band, kenmerkend voor de soort. De buik is vuilwit tot lichtgrijs. De vleugels zijn donkerder met kastanjebruine dekveren. De staart is lang en afgerond, donkerbruin met brede witte eindbanden en witte buitenste pennen. De snavel is zwart, de iris oranjerood en de oogring smal, blauwgrijs. De poten zijn rood.

Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje maar is gemiddeld iets kleiner en valer van kleur. De roze borstzweem is minder intens en de gespikkelde halsband minder scherp getekend.

Juveniel:
Juvenielen zijn matter bruin, met bredere lichte randen aan de vleugel- en mantelveren die een uitgesproken geschubd effect geven. De borst is beige, zonder roze zweem. De gespikkelde halsband ontbreekt of is slechts zwak ontwikkeld. De iris is donkerbruin, de oogring bleek en de poten doffer rood.

Kuiken:
Kuikens zijn nestblijvers en worden geboren met dun, grijsbruin dons. De snavel is klein en donkergrijs, de poten vleeskleurig en de ogen gesloten bij geboorte. De kenmerkende gespikkelde halsband en de kastanjebruine geschubde vleugels verschijnen pas na de eerste jeugdrui.

Bekijk ook:

  • Tijdschrift 263