Vogel
Shamalijster
Shamalijster
Copsychus malabaricus
Log in om deze soort toe te voegenDe Shamalijster behoort tot het geslacht Copsychus binnen de familie van Vliegenvangers (Muscicapidae).
Deze kleine zangvogel komt van nature voor in dichtbeboste gebieden van Zuid- en Zuidoost-Azi�, waar hij vooral leeft in struikgewas en secundaire bossen, vaak met veel ondergroei. Hij is bekend om zijn prachtige zang en wordt vaak gehouden als kooivogel, waardoor hij ook is ge�ntroduceerd op plaatsen als Hawa� en Taiwan. In zijn natuurlijke habitat zoekt hij voedsel op de grond, voornamelijk insecten, en is hij schuw en territoriaal. Tijdens het broedseizoen bouwt hij een nest in een boomholte en verdedigt hij zijn territorium fel.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Vliegenvangers (Muscicapidae)
- Bird Genus
- Copsychus
Ringmaat
Man 3.5 mm Vrouw 3.5 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
EU verordening bijlage B (CITES appendix II)
Deze vogelsoort wordt wereldwijd beschouwd als een (bijna) bedreigde soort in het oorspronkelijke leefgebied, of de handel in deze soort kan hiertoe leiden.
Deze soort staat daarom op Bijlage B van de Europese Verordening en CITES appendix II.
Binnen de avicultuur (in volière-milieu) mag deze soort alleen worden gehouden, gefokt of verhandeld als de legale herkomst kan worden aangetoond. De lidstaten aangesloten bij het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna) hebben internationale regels opgesteld die het houden, fokken en verhandelen van deze dieren onder strikte voorwaarden mogelijk maakt.
In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.
De houder de dient legale herkomst van de vogel aan te tonen:
- De vogel is voorzien van een uniek merkteken. In het geval van vogels is dit een naadloos gesloten pootring die bij een volwassen vogel niet meer van de poot kan worden verwijderd.
- Bij elke overdracht dient een herkomstverklaring/ overdrachtsverklaring te worden opgemaakt en ondertekend door de afgevende en ontvangende partij.
- Let op: bij controle dienen ook gegevens van de ouderdieren én grootouderdieren getoond te kunnen worden.
Ingelogd als lid? Klik op het > symbool achter de wetgevingnaam voor de volledige tekst. Nog geen lid en benieuwd naar het volledige artikel en meer? Word dan lid van Aviornis!
Man:
De man heeft een glanzend zwarte kop en nek met een diep oranje borst. De buik is helder oranje, wat contrasteert met de zwarte vleugels en staart. De vleugels hebben een subtiele witte vlek aan de basis van de slagpennen. De staart is lang en zwart met een lichte glans, vaak met een witte rand aan de uiteinden. De snavel is zwart en slank, zonder zichtbare was. De poten zijn donkergrijs en slank, met een gladde structuur. De iris is donkerbruin, omringd door een dunne, onopvallende oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een doffer verenkleed met een bruinzwarte kop en nek. De borst is lichter oranje dan bij de man, met een subtiele overgang naar de buik. De vleugels zijn donkerbruin met minder opvallende witte vlekken. De staart is korter en minder glanzend, met een bruine tint. De snavel is donkergrijs en iets korter dan die van de man. De poten zijn lichtgrijs en fijn van structuur. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een bruin verenkleed met lichte vlekken op de borst en buik. De kop en nek zijn donkerbruin met een matte uitstraling. De vleugels zijn bruin met lichte randen aan de veren, wat een versleten indruk geeft. De staart is kort en bruin, zonder de glans van volwassen vogels. De snavel is grijsbruin en korter dan bij volwassen vogels. De poten zijn lichtbruin en hebben een ruwe textuur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, bruine veren. De snavel is lichtgrijs en nog niet volledig ontwikkeld.