Naaktoogkaketoe

Cacatua sanguinea

Log in om deze soort toe te voegen

De Naaktoogkaketoe behoort tot het geslacht Cacatua binnen de familie van Kaketoes (Cacatuidae).

De naaktoogkaketoe is een voornamelijk witte kaketoe van ongeveer 36 centimeter groot, die zich onderscheidt door zijn karakteristieke naakte, lichtblauwgrijze oogring. Deze vogelsoort komt voor van de Filipijnen en Wallacea tot aan de Salomonseilanden en zuidwaarts naar Australi�. Met een wit verenkleed, een witte kuif en een hoornkleurige tot witte snavel is dit een opvallende verschijning. De naaktoogkaketoe is een omnivoor die zich voortplant met een interessant systeem waarbij het mannetje overdag en het vrouwtje 's nachts broedt. Geslachtsonderscheid is uitwendig niet zichtbaar en vereist een DNA-test. Als kleinere soort binnen het kaketoe-geslacht heeft deze vogelsoort zich aangepast aan diverse habitats in zijn natuurlijke verspreidingsgebied.

Naaktoogkaketoe
Little Corella
Nacktaugenkakadu
Cacato�s corella

Taxonomische indeling

Bird Order
Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
Bird Family
Kaketoes (Cacatuidae)
Bird Genus
Cacatua

Ringmaat

Man 10.0 mm Vrouw 10.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
  • Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
  • Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.

Man:
De man heeft een overwegend wit verenkleed met een subtiele roze tint rond de ogen. De kop is rond met een opvallende kuif die omhoog kan worden gezet. De snavel is stevig en lichtgrijs van kleur, met een lichte kromming. De vleugels zijn breed met een lichte glans, vooral zichtbaar in direct zonlicht. De borst en buik zijn egaal wit, zonder zichtbare markeringen. De poten zijn grijs en hebben een ruwe textuur, wat zorgt voor een goede grip. De iris is donkerbruin, omgeven door een lichte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar wit verenkleed als de man, maar met een iets zachtere uitstraling. De roze tint rond de ogen is minder uitgesproken dan bij de man. De snavel is iets slanker en heeft dezelfde lichtgrijze kleur. De vleugels hebben een matte afwerking, zonder de glans die bij de man te zien is. De borst en buik zijn egaal wit, met een subtiele overgang naar de vleugels. De poten zijn grijs en hebben een vergelijkbare structuur als die van de man. De iris is donkerbruin, met een iets bredere oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer wit verenkleed met een lichte grijze waas over de vleugels. De kop is minder rond en de kuif is minder prominent aanwezig. De snavel is kleiner en heeft een blekere grijstint dan bij volwassen vogels. De borst en buik zijn wit, maar met een vage grijze schaduw. De poten zijn lichter grijs en hebben een gladder oppervlak. De iris is donkerbruin, omgeven door een smalle, bleke oogring. De overgang van kop naar nek is minder duidelijk gedefinieerd.

Kuiken:
Kuikens hebben een pluizig, wit verenkleed met een zachte textuur. De snavel is klein en lichtgrijs van kleur.