Groenvleugelara

Ara chloropterus

Log in om deze soort toe te voegen

De Groenvleugelara behoort tot het geslacht Ara binnen de familie van Papegaaien (Psittacidae).

Deze indrukwekkende papegaai komt voor in het noordelijke en centrale deel van Zuid-Amerika, van Panama tot Bolivia en Paraguay, en leeft vooral in tropische regenwouden, maar ook in drogere bossen en savannes. De vogel is afhankelijk van gebieden met hoge bomen voor nestelen en voedsel, en wordt vaak aangetroffen bij kleiplaten waar hij mineralen opneemt. Hij is herbivoor en eet voornamelijk zaden, vruchten en noten, en speelt daarmee een belangrijke rol in het verspreiden van zaden. De vogel is meestal monogaam en nestelt in boomholtes. Door ontbossing en illegale handel is het aantal in sommige gebieden sterk afgenomen.

Groenvleugelara
Green-winged Macaw
Gr�nfl�gelara
Ara chloropt�re

Taxonomische indeling

Bird Order
Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
Bird Family
Papegaaien van de Nieuwe Wereld (Psittacidae)
Bird Genus
Ara

Ringmaat

Man 14.0 mm Vrouw 14.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogelsoort wordt wereldwijd beschouwd als een (bijna) bedreigde soort in het oorspronkelijke leefgebied, of de handel in deze soort kan hiertoe leiden. 
Deze soort staat daarom op Bijlage B van de Europese Verordening en CITES appendix II. 

Binnen de avicultuur (in volière-milieu) mag deze soort alleen worden gehouden, gefokt of verhandeld als de legale herkomst kan worden aangetoond. De lidstaten aangesloten bij het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna) hebben internationale regels opgesteld die het houden, fokken en verhandelen van deze dieren onder strikte voorwaarden mogelijk maakt. 

In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De houder de dient legale herkomst van de vogel aan te tonen:

  • De vogel is voorzien van een uniek merkteken. In het geval van vogels is dit een naadloos gesloten pootring die bij een volwassen vogel niet meer van de poot kan worden verwijderd.
  • Bij elke overdracht dient een herkomstverklaring/ overdrachtsverklaring te worden opgemaakt en ondertekend door de afgevende en ontvangende partij.
  • Let op: bij controle dienen ook gegevens van de ouderdieren én grootouderdieren getoond te kunnen worden.  

Ingelogd als lid? Klik op het > symbool achter de wetgevingnaam voor de volledige tekst. Nog geen lid en benieuwd naar het volledige artikel en meer? Word dan lid van Aviornis!

Man:
De man heeft een overwegend felrood verenkleed met een subtiele groene band op de vleugels. De vleugelranden zijn blauw, wat een opvallend contrast vormt met de rode veren. De kop is intens rood, terwijl de nek iets donkerder van tint is. De borst en buik zijn egaal rood, zonder zichtbare vlekken of patronen. De snavel is groot en krachtig, met een hoornkleurige bovensnavel en zwarte ondersnavel. De naakte huid rond de ogen is wit met fijne zwarte lijnen. De poten zijn grijs en hebben een robuuste structuur.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met iets doffere kleuren. De groene band op de vleugels is minder uitgesproken en de blauwe vleugelranden zijn iets lichter. De kop en nek tonen een subtiele variatie in roodtinten, met een iets mattere uitstraling. De borst en buik zijn uniform rood, zonder duidelijke markeringen. De snavel is iets slanker dan die van de man, met dezelfde kleurpatronen. De naakte huid rond de ogen is wit, met minder uitgesproken zwarte lijnen. De poten zijn grijs en iets fijner van structuur.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer verenkleed met een mengeling van rood en groen op de vleugels. De vleugelranden zijn minder helder blauw en vertonen soms een groenachtige tint. De kop en nek zijn minder intens rood, met een meer matte uitstraling. De borst en buik zijn rood, maar met een vage, onregelmatige bandering. De snavel is kleiner en minder krachtig, met een grijze bovensnavel. De naakte huid rond de ogen is wit, met nauwelijks zichtbare zwarte lijnen. De poten zijn grijs en nog in ontwikkeling.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag grijs dons. De snavel is klein en lichtgrijs van kleur.