Vogel
Spreeuw
Spreeuw
Sturnus vulgaris
Log in om deze soort toe te voegenDe Spreeuw behoort tot het geslacht Sturnus binnen de familie van Spreeuwachtigen (Sturnidae).
De spreeuw is een veelvoorkomende vogel die in het hele land te vinden is, vooral in agrarisch gebied met grasland en in stedelijke omgevingen met gazons. Hij broedt in boomholtes, nestkasten en in gebouwen, en zoekt zijn voedsel voornamelijk op weilanden en grasvelden waar hij insecten en larven vindt. Spreeuwen zijn alleseters en broeden meestal ��n tot twee keer per jaar. Ze zijn bekend om hun geco�rdineerde vluchten en het vormen van grote groepen, vooral in het najaar en de winter. Hoewel ze het hele jaar door te zien zijn, trekken sommige vogels in de winter naar het zuiden, terwijl anderen in Nederland overwinteren.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Spreeuwen (Sturnidae)
- Bird Genus
- Sturnus
Ringmaat
Man 4.5 mm Vrouw 4.5 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (EG richtlijn)
Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
- Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.
Man:
Het verenkleed is glanzend zwart met een metaalachtige groene en paarse glans. In de winter zijn de veren bedekt met kleine witte vlekken, die in de zomer vervagen. De snavel is geel in de zomer en donkergrijs in de winter. De poten zijn roze tot bruinroze van kleur. De kop en nek hebben een subtiele iriserende glans, die verschilt van de rest van het lichaam. De vleugels zijn kort en puntig, met een lichte bruine rand aan de veren. De ogen zijn donkerbruin met een onopvallende oogring.
Vrouw:
Het verenkleed lijkt sterk op dat van de man, maar is iets minder glanzend. De witte vlekken zijn vaak prominenter aanwezig, vooral in de winter. De snavel is donkerder dan die van de man, met een lichtere basis. De poten zijn vergelijkbaar van kleur, maar soms iets doffer. De kop en nek hebben minder iriserende glans, wat een matter uiterlijk geeft. De vleugels hebben dezelfde structuur, maar de bruine randen zijn vaak breder. De ogen zijn donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Juveniel:
Het verenkleed is overwegend bruin en mist de glans van volwassen vogels. De borst en buik zijn lichter van kleur, met een vage streping. De snavel is donkergrijs en korter dan bij volwassenen. De poten zijn bleker en minder robuust. De kop is egaal bruin, zonder de iriserende glans van volwassenen. De vleugels zijn kort en hebben een uniforme bruine kleur. De ogen zijn donker, zonder opvallende kenmerken.
Kuiken:
Het verenkleed is donzig en grijsbruin van kleur. De snavel is kort en geelachtig aan de basis.