Vogel
Rose Spreeuw
Rose Spreeuw
Pastor roseus
Log in om deze soort toe te voegenDe Rose Spreeuw behoort tot het geslacht Pastor binnen de familie van Spreeuwachtigen (Sturnidae).
De roze spreeuw is een opvallende vogelsoort die vooral bekend staat om zijn frappante roze en zwarte kleuring. Deze vogel broedt in de steppes, semi-woestijnen en woestijnen van Centraal-Azi� en Zuidoost-Europa, waar hij open agrarische gebieden bewoont. Als sterke trekvogel verblijft hij 's winters in India en tropisch Azi�, waar hij vaak talrijker is dan de lokale spreeuwen en mynah's. De vogelsoort voelt zich het meest thuis op open vlaktes, graslanden en in droge, rotsachtige gebieden met water in de buurt. Hij broedt in strakke kolonies gedurende een kort broedseizoen van mei tot juli, dat nauw aansluit bij de piekperiode van sprinkhanen en ander insectenvoedsel. Met zijn voorkeur voor grasshoppers en andere insecten speelt deze vogel een ecologische rol in plaagbestrijding, iets waar men zich in China nuttig van bedient met kunstmatige nestkasten.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Spreeuwen (Sturnidae)
- Bird Genus
- Pastor
Ringmaat
Man 4.5 mm Vrouw 4.5 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (EG richtlijn)
Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
- Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.
Man:
De man heeft een opvallend roze lichaam met een glanzend zwarte kop en nek. De vleugels en staart zijn diepzwart met een subtiele groene glans. De borst en buik zijn zachtroze, contrasterend met de donkere vleugels. De snavel is stevig en geelachtig met een donkere punt. De poten zijn vleeskleurig en glad, zonder opvallende schubben. De iris is donkerbruin, omgeven door een dunne, lichte oogring. In de zomer is het verenkleed helderder en contrastrijker dan in de winter.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met minder glans en contrast. Haar kop en nek zijn doffer zwart, soms met een bruine tint. De vleugels en staart zijn donker, maar missen de groene glans van de man. De borst en buik zijn lichtroze, minder intens dan bij de man. De snavel is iets slanker en lichter van kleur. De poten zijn eveneens vleeskleurig, maar iets matter. De iris is donkerbruin, met een subtiele oogring die minder opvallend is.
Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruin verenkleed met een lichtere buik en borst. De kop en nek zijn dofbruin, zonder de glans van volwassen vogels. De vleugels en staart zijn donkerbruin met lichte randen, die versleten kunnen lijken. De snavel is bleekgeel en slanker dan bij volwassenen. De poten zijn grijsachtig en minder robuust. De iris is donker, zonder duidelijke oogring. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen ze geleidelijk het volwassen verenkleed.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijze donslaag. Hun snavel en poten zijn bleek en zacht.