Vogel
Pluchekapgaai
Pluchekapgaai
Cyanocorax chrysops
Log in om deze soort toe te voegenDe Pluchekapgaai behoort tot het geslacht Cyanocorax binnen de familie van Kraaiachtigen (Corvidae).
De pluimkraaihaai is een vogel uit de famille van de kraaien en gaai die voorkomt in centraal-zuidelijk Zuid-Amerika. Dit vogelsoort leeft in Brazili�, Bolivia, Paraguay, Uruguay en noordoost-Argentini�, vooral in de gebieden rond het Amazonebekken en Pantanal. De vogel bewoont diverse bostypen, van laagland regenwouden en tropische droge bossen tot gematigde regenwouden en open bosareas. Deze vogels zijn alleseters die zich voeden met zaden, noten, insecten en kleine ongewervelden. Ze foerageren zowel in bomen als op de grond, waarbij sommige soorten de trekkende mierenzwermen volgen om van de insecten te profiteren. Ze bouwen nestten in bomen met takken, wortels en vezels. De soort is niet bijzonder gevoelig voor habitatfragmentatie en komt ook in stedelijke gebieden voor.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Kraaien (Corvidae)
- Bird Genus
- Cyanocorax
Ringmaat
Man 6.0 mm Vrouw 6.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Man:
De man heeft een opvallend helderblauwe kop met een glanzende zwarte kruin. De nek en borst zijn diepzwart, wat sterk contrasteert met de witte buik. De vleugels en rug zijn donkerblauw met een subtiele groene glans. De staartveren zijn blauw met een lichtere, bijna witte uiteinden. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn donkergrijs, bijna zwart, met een gladde textuur.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met minder glans op de kop. De zwarte kruin is iets doffer, en de blauwe tinten zijn minder intens. De borst en nek zijn eveneens zwart, maar de overgang naar de witte buik is minder scherp. De vleugels hebben een matte blauwe kleur met een lichte groene tint. De snavel is iets slanker dan die van de man, maar even zwart. De poten zijn donkergrijs met een iets ruwere structuur.
Juveniel:
Juvenielen hebben een doffere blauwe kop en een grijsachtige kruin. De borst en nek zijn donkergrijs, met een vage zwarte tint. De buik is vuilwit, met een geleidelijke overgang vanaf de borst. De vleugels zijn grijsblauw, zonder de groene glans van volwassenen. De snavel is lichter grijs, met een minder uitgesproken kromming. De poten zijn lichtgrijs, met een gladde textuur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag grijs dons. De snavel is lichtgrijs en nog niet volledig ontwikkeld.