Vogel
Pestvogel
Pestvogel
Bombycilla garrulus
Log in om deze soort toe te voegenDe Pestvogel behoort tot het geslacht Bombycilla binnen de familie van Pestvogels (Bombycillidae).
Deze zangvogel komt voor in boreale bossen van Noord-Europa, Azi� en Noord-Amerika, vaak nabij water. Hij broedt in naald- en gemengde bossen en voedt zich met insecten en bessen. In de winter trekt hij zuidwaarts en kiest gebieden met veel fruit, zoals parken en tuinen. Het is een sociaal, fruitetend en migrerend dier dat in groepen leeft.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Pestvogels (Bombycillidae)
- Bird Genus
- Bombycilla
Ringmaat
Man 4.0 mm Vrouw 4.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (EG richtlijn)
Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
- Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.
Man:
De man heeft een opvallend grijsbruin verenkleed met een zijdeachtige glans. De kop is lichtbruin met een zwarte keelvlek en een opvallende kuif. De vleugels zijn donkerder met witte en gele accenten op de dekveren. De staart is grijs met een brede, gele eindband. De snavel is kort en zwart, met een lichte wasachtige basis. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donker met een subtiele, lichte oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met minder glans. De kop is iets minder contrastrijk, met een kleinere zwarte keelvlek. De vleugels hebben dezelfde witte en gele accenten, maar zijn iets minder uitgesproken. De staart heeft ook een gele eindband, maar deze is vaak smaller. De snavel is zwart en iets slanker dan die van de man. De poten zijn donkergrijs en glad. De ogen zijn donker met een subtiele, lichte oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer verenkleed met een meer grijsbruine tint. De kop mist de duidelijke kuif en keelvlek van de volwassen vogels. De vleugels zijn minder contrastrijk, met vage witte en gele accenten. De staart heeft een minder opvallende gele eindband. De snavel is donkergrijs en slanker dan bij volwassenen. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donker zonder duidelijke oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijsachtige donslaag. De snavel en poten zijn lichtgrijs en zacht.