Vogel
Grote Alexanderparkiet
Grote Alexanderparkiet
Psittacula eupatria
Log in om deze soort toe te voegenDe Grote Alexanderparkiet behoort tot het geslacht Psittacula binnen de familie van Papegaaien (Psittaculidae).
Deze grote papegaai komt voor in Zuid- en Zuidoost-Azi�, van Afghanistan tot Thailand en Indochina. Hij leeft in diverse habitats zoals bossen, landbouwgebieden, mangroves en stedelijke parken tot zo�n 900 meter hoogte. De vogel voedt zich met zaden, vruchten en noten en leeft meestal in kleine groepen, maar kan ook in grotere zwermen samenkomen. Het broedseizoen loopt van november tot april en het nest wordt vaak in boomholtes gebouwd.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
- Bird Family
- Papegaaien van de Oude Wereld (Psittaculidae)
- Bird Genus
- Psittacula
Ringmaat
Man 8.0 mm Vrouw 8.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
EU verordening bijlage B (CITES appendix II)
Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
- Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
- Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.
Man:
De man heeft een overwegend groene kleur met een lichte glans op de vleugels. De kop is iets donkerder groen met een subtiele blauwe tint. De nek vertoont een opvallende zwarte band die doorloopt naar de keel. De borst en buik zijn helder groen zonder zichtbare markeringen. De vleugeldekveren hebben een lichte gele rand, wat een versleten indruk kan geven. De snavel is felrood met een lichte kromming aan de punt. De poten zijn grijsachtig met een gladde textuur. De iris is geel met een dunne, donkere oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar groen verenkleed, maar met een matte uitstraling. De kop en nek zijn uniform groen zonder de zwarte band van de man. De borst en buik zijn egaal groen, soms met een vage gele tint. De vleugels hebben minder uitgesproken gele randen dan bij de man. De snavel is iets kleiner en minder felrood, met een oranje tint. De poten zijn grijs en iets robuuster van structuur. De iris is lichtgeel met een subtiele oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer groen verenkleed met een uniforme kleur over het hele lichaam. De kop en nek missen de volwassen bandering en zijn effen groen. De borst en buik zijn lichtgroen, soms met een gelige ondertoon. De vleugels hebben geen duidelijke randen en ogen versleten. De snavel is oranjeachtig en minder gebogen dan bij volwassenen. De poten zijn lichtgrijs met een gladde textuur. De iris is grijsachtig met een nauwelijks zichtbare oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, gele donslaag. De snavel is bleek en recht, zonder kromming.