Vogel
Alpenkraai
Alpenkraai
Pyrrhocorax pyrrhocorax
Log in om deze soort toe te voegenDe Alpenkraai behoort tot het geslacht Pyrrhocorax binnen de familie van Kraaiachtigen (Corvidae).
De rode klauw is een fascinerende vogelsoort uit de kraaienfamilie die voornamelijk voorkomt in de westelijke gebieden van Groot-Brittanni� en Ierland, alsmede in bergachtige en kustgebieden van Zuid-Europa, Noord-Afrika en Azi� tot aan China. Deze vogel is een niet-trekkende standvogel die zich vooral thuis voelt aan rotsige kustlijnen en in bergstreken op hoogte. Het dier broedt in grotten, rotsspleten en verlaten gebouwen, waar het paren zich het hele jaar vestigen. De rode klauw voedt zich primair met ongewervelden zoals insecten en larven, vooral uit grazige gebieden en machair. Met zijn karakteristieke gebogen snavel probeert de vogel bedreven naar voedsel in de grond, waarvan mierenkolonies en dierlijk leven zijn favoriete voedselgebieden zijn.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Kraaien (Corvidae)
- Bird Genus
- Pyrrhocorax
Ringmaat
Man 6.5 mm Vrouw 6.5 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (EG richtlijn)
Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
- Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.
Man:
De man heeft een glanzend zwart verenkleed met een subtiele blauwe glans. De kop en nek zijn egaal van kleur, zonder zichtbare contrasten. De vleugels hebben een lichte iriserende glans, vooral bij zonlicht. De snavel is opvallend gebogen en helder rood van kleur. De poten zijn eveneens rood, met een gladde structuur. De ogen hebben een donkere iris met een nauwelijks zichtbare oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar glanzend zwart verenkleed als de man, maar met minder intense glans. De kop en nek tonen een iets mattere afwerking. De vleugels zijn uniform van kleur, zonder opvallende markeringen. De snavel is iets korter en minder fel rood dan bij de man. De poten zijn rood, maar kunnen een iets doffere tint hebben. De ogen zijn donker met een subtiele oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer zwart verenkleed met een bruine tint, vooral op de vleugels. De kop en nek zijn minder glanzend en vertonen een matte afwerking. De snavel is aanvankelijk geelachtig en wordt geleidelijk roder naarmate ze ouder worden. De poten zijn donkerder rood en minder opvallend dan bij volwassen vogels. De ogen zijn donker met een onopvallende oogring. De veren kunnen versleten randen vertonen, vooral na de eerste rui.
Kuiken:
Kuikens hebben een pluizig, grijsachtig verenkleed zonder glans. De snavel is geelachtig en nog niet volledig ontwikkeld.