Nieuw-Zeelandse boeboekui

Ninox novaeseelandiae

Log in om deze soort toe te voegen

De Nieuw-Zeelandse boeboekui (synoniem: Koekoeksuil) behoort tot het geslacht Ninox binnen de familie van Uilen (Strigidae).

Deze kleine bruinachtige uil komt voor in heel Nieuw-Zeeland en op nabijgelegen eilanden, waar hij vooral voorkomt in bossen met dichte bladerkronen. Hij jaagt �s nachts op insecten, kleine vogels en andere prooien, vaak vanaf een zitplaats of tijdens de vlucht. Overdag rust hij verborgen in boomholtes of dichte begroeiing.

Nieuw-Zeelandse boeboekui
Morepork
Neuseelandeule
Chev�chette ninoxe

Taxonomische indeling

Bird Order
Uilen (Strigiformes)
Bird Family
Echte uilen (Strigidae)
Bird Genus
Ninox

Ringmaat

Man 11.0 mm Vrouw 11.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Man:
De man heeft een donkerbruin verenkleed met een lichte, goudbruine glans. De kop is donkerder dan de nek, met een opvallende witte wenkbrauwstreep. De borst is lichtbruin met fijne, donkere strepen die naar de buik toe vervagen. Vleugels zijn donkerbruin met lichtere randen, wat een versleten indruk kan geven. De staart is kort en donker met lichte bandering. De snavel is kort, haakvormig en grijs van kleur. De poten zijn geelachtig met een fijne schubstructuur.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met een iets mattere tint. De kop en nek zijn egaal donkerbruin zonder de opvallende wenkbrauwstreep. De borst heeft bredere, donkerbruine strepen die meer contrast bieden met de lichtere buik. Vleugels zijn donkerbruin met subtiele, lichtere randen. De staart is donker met duidelijke lichte banden. De snavel is grijs en iets slanker dan die van de man. Poten zijn lichtgeel met een gladde textuur.

Juveniel:
Juvenielen hebben een lichter bruin verenkleed met een zachte, donzige uitstraling. De kop is egaal lichtbruin zonder duidelijke markeringen. De borst is lichtbruin met vage, donkere strepen die naar de buik toe vervagen. Vleugels zijn lichtbruin met onopvallende, lichtere randen. De staart is kort en lichtbruin met subtiele bandering. De snavel is kort, grijs en minder gebogen dan bij volwassenen. Poten zijn bleekgeel met een gladde textuur.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dichte, witte donslaag. De snavel is klein en lichtgrijs van kleur.