Vogel
Bateleur
Bateleur
Terathopius ecaudatus
Log in om deze soort toe te voegenDe Bateleur behoort tot het geslacht Terathopius binnen de familie van Havikachtigen (Accipitridae).
De Gaukler is een middelgrote, kleurrijke arend die in grote delen van Afrika ten zuiden van de Sahara voorkomt, van Mauritani� tot Zuid-Afrika en het zuidwesten van Arabi�. Deze indrukwekkende roofvogel bewoont open en halfopen landschappen zoals graslanden, savannes en droge doornstruikvegetatie, meestal onder de 3000 meter hoogte. Het dier is herkenbaar aan zijn zwarte veren met witte vleugelonderzijden, helder rode gezicht en poten, en heeft opvallend lange vleugels met een korte staart. Gauklers jagen door dagelijks lange afstanden af te leggen, tot wel 480 kilometer in acht uur, op zoek naar voedsel. Ze zijn meestal standvogels die hun leven lang met dezelfde partner samenleven en jaren hetzelfde nest gebruiken. Ondanks hun brede verspreiding nemen de populaties in sommige regio's af door habitatverlies, vergiftiging en andere bedreigingen.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Roofvogels (Accipitriformes)
- Bird Family
- Havikachtigen (Accipitridae)
- Bird Genus
- Terathopius
Ringmaat
Man 26.0 mm Vrouw 26.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
EU verordening bijlage B (CITES appendix II)
Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
- Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
- Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.
Man:
De man heeft een opvallend zwart verenkleed met een groene glans op de vleugels. De kop en nek zijn diepzwart, contrasterend met de felrode naakte huid rond de ogen. De borst en buik zijn donkerbruin, met een subtiele overgang naar zwart op de flanken. De vleugeldekveren zijn zwart met een lichte, versleten rand. De staart is kort en zwart, met een lichte glans. De snavel is krachtig en zwart, met een gele basis.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met minder glans op de vleugels. De kop en nek zijn donkerbruin, met een iets lichtere tint dan de borst. De naakte huid rond de ogen is minder felrood dan bij de man. De vleugeldekveren zijn donkerbruin met een lichte, versleten rand. De staart is kort en donkerbruin, zonder glans. De snavel is zwart met een gele basis, iets slanker dan bij de man.
Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruin verenkleed met een matte uitstraling. De kop en nek zijn lichtbruin, met een vage streping. De borst en buik zijn donkerbruin, met een lichtere tint op de flanken. De vleugeldekveren zijn bruin met een versleten rand, zonder glans. De staart is kort en bruin, met een lichte bandering. De snavel is donkergrijs, met een gele basis die minder uitgesproken is.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een lichtbruin dons, dat een zachte uitstraling heeft. De snavel is klein en geelachtig van kleur.