Vogel
Kleine torenvalk
Kleine torenvalk
Falco naumanni
Log in om deze soort toe te voegenDe Kleine torenvalk behoort tot het geslacht Falco binnen de familie van Valkachtigen (Falconidae).
Deze kleine valk broedt in Zuid- en Zuidoost-Europa, Noord-Afrika en delen van Azi�, en overwintert in Afrika. Hij leeft vooral in open cultuurlandschappen en steppelandschappen, jaagt op insecten en kleine gewervelden en nestelt kolonialer in gebouwen of rotskloven. Tijdens de jacht maakt hij gebruik van windstromen voor zweefvluchten.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Valken en Caracara’s (Falconiformes)
- Bird Family
- Valkachtigen (Falconidae)
- Bird Genus
- Falco
Ringmaat
Man 7.0 mm Vrouw 7.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Man:
De man heeft een opvallend blauwgrijze kop en nek met een scherpe scheiding naar de roestrode rug. De vleugels zijn donkergrijs met zwarte vlekken, terwijl de dekveren een lichtere tint hebben. De borst en buik zijn lichtroze met fijne zwarte stippen, die naar de flanken toe dichter worden. De staart is blauwgrijs met een brede zwarte eindband en een witte rand. De snavel is kort en haakvormig, met een geelachtige was. De poten zijn oranjegeel en de iris is donkerbruin, omringd door een smalle gele oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een bruinachtige kop met een subtiele grijze tint, minder uitgesproken dan bij de man. De rug en vleugels zijn roestbruin met donkere vlekken en strepen, die een versleten indruk kunnen geven. De borst en buik zijn cr�mekleurig met een dichtere bandering dan bij de man. De staart is bruin met meerdere smalle donkere banden en een lichte eindrand. De snavel is iets langer en slanker, met een grijze was. De poten zijn geel en de iris is donkerbruin, met een minder opvallende oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruin verenkleed met een lichtere onderzijde en duidelijke donkere strepen. De kop is egaal bruin zonder de grijze tinten van volwassen vogels. De vleugels en rug zijn bedekt met brede, donkere banden die een versleten uiterlijk kunnen hebben. De staart is bruin met meerdere smalle donkere banden en een lichte eindrand. De snavel is kort en grijs, met een bleke was. De poten zijn bleekgeel en de iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dichte, witte donslaag die hen warm houdt. Hun snavel en poten zijn bleekgeel, zonder verdere markeringen.