Roodsnavelkitta

Urocissa�erythroryncha�occipitalis

Log in om deze soort toe te voegen

De Roodsnavelkitta behoort tot het geslacht Urocissa binnen de familie van Kraaiachtigen (Corvidae).

De roodsnavelkitta is een opvallende kraaiachtige vogel die in het noordwesten van India tot oostelijk Nepal voorkomt. Deze kleurrijke magpie onderscheidt zich door zijn karakteristieke rode snavel en blauwe veren. De vogel bewoont bergachtige gebieden en beboste terreinen in de Himalaya-regio. Met een lengte van circa 65 tot 68 centimeter en een opvallend lange staart is het een van de grootste corviden. Deze soort voelt zich thuis in gemengde wouden waar het zich voedt met vruchten en bessen. De roodsnavelkitta is een zeer sociaal vogel die in groepen leeft en zich voortplant in zijn natuurlijke habitat. Het bezit een sterk territoriumgedrag en staat bekend om zijn intelligentie en aanpassingsvermogen.

Roodsnavelkitta
Red-billed Blue Magpie
Blauelster
Pie � bec rouge du Nord-Est

Taxonomische indeling

Bird Order
Zangvogels (Passeriformes)
Bird Family
Kraaien (Corvidae)
Bird Genus
Urocissa

Ringmaat

Man 7.0 mm Vrouw 7.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Man:
De man heeft een opvallend blauw verenkleed met een lichte glans. De kop is diepzwart met een scherpe overgang naar de nek. De borst en buik zijn lichter blauw, bijna pastelachtig. De vleugels vertonen een subtiele witte bandering aan de randen. De staart is lang en eindigt in witte punten. De snavel is felrood en licht gebogen. De poten zijn roodachtig met een gladde textuur.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar blauw verenkleed, maar met een iets doffere glans. De kop is eveneens zwart, maar de overgang naar de nek is minder scherp. De borst en buik zijn iets grijzer van tint. De vleugels hebben minder uitgesproken bandering dan bij de man. De staart is lang, maar de witte punten zijn minder prominent. De snavel is rood, maar iets minder fel dan bij de man. De poten zijn roodachtig, maar iets matter.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer blauw verenkleed met een matte uitstraling. De kop is donkergrijs in plaats van zwart. De borst en buik zijn grijsblauw met een vage bandering. De vleugels zijn minder contrastrijk en hebben een versleten uiterlijk. De staart is korter en mist de witte punten. De snavel is oranjeachtig en nog niet volledig rood. De poten zijn bleekrood en hebben een ruwe textuur.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een grijsachtig dons. De snavel is bleek en nog niet volledig ontwikkeld.