Vogel
Zwartsnavelbosduifje
Zwartsnavelbosduifje
Turtur abyssinicus
Log in om deze soort toe te voegenDe Zwartsnavelbosduifje behoort tot het geslacht Turtur uit de familie van duiven (Columbidae)
.
Deze vogel komt voor in droge gebieden van Afrika net ten zuiden van de Sahara, van Mauritanië en Senegal tot Ethiopië en Oeganda. Hij geeft de voorkeur aan savannes en dichte begroeiing rondom waterbronnen. De vogel foerageert meestal op de grond en wordt vaak alleen of in kleine groepen gezien, maar kan op waterplaatsen in grotere groepen voorkomen.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Duiven (Columbiformes)
- Bird Family
- Duiven (Columbidae)
- Bird Genus
- Turtur
Ringmaat
Man 4.5 mm Vrouw 4.5 mmWelzijnsadviezen
Duiven
Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag. De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.
- Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
- Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
- Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
- Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
- Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Man:
Het mannetje is een kleine tortelduif van circa 20-22 cm lengte met een slank en elegant postuur. De kop en nek zijn lichtgrijs, de keel vuilwit. De borst is zacht roze tot lila, de buik vuilwit tot lichtgrijs. De rug en vleugels zijn warm roodbruin, waarbij de dekveren een geschubd patroon van zwarte vlekken tonen. De staart is middellang, donker in het midden met brede, witte buitenste pennen die in vlucht contrasteren. De snavel is zwart, de poten zijn roodachtig, en de iris is donkerrood tot bruinrood, vaak met een smalle bleke oogring.
Vrouw:
Het vrouwtje is gemiddeld iets kleiner en doffer gekleurd. De roze zweem op de borst is zwakker, de vleugeltekening valer. De rug is minder intens roodbruin. Snavel, poten en iris zijn gelijk aan die van het mannetje.
Juveniel:
Juvenielen zijn matter en meer uniform bruin. De borst is vaalbruin zonder roze tint, de buik vuilwit. De vleugels tonen brede, lichtere randen waardoor een geschubd effect ontstaat, maar de zwarte vlekken zijn minder uitgesproken. De snavel is donkergrijs, de poten vleeskleurig tot roodachtig, en de iris zeer donker.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, bruinachtig dons. De snavel is kort en donkergrijs, de poten vleeskleurig en de iris zwartbruin. Na het uitvliegen verschijnen de eerste eenvoudige bruine veren; de roze borst en contrasterende vleugelvlekken ontwikkelen zich pas later.