Browns langstaartduif

Reinwardtoena browni

Log in om deze soort toe te voegen

De Browns langstaartduif behoort tot het geslacht Reinwardtoena uit de familie van duiven (Columbidae)

.

Deze vogel is een karakteristieke soort uit de familie Columbidae, endemisch in de Bismarck-archipel. Hij bewoont voornamelijk laagland- en heuvelforests op hoogtes tot 1.000 meter boven zeeniveau. Het is een grote, opvallende duif met een lengte van 40 tot 46 cm. Hij voedt zich voornamelijk met fruit en wordt vaak alleen of in paren aangetroffen.

Browns langstaartduif
Pied cuckoo-dove
Schwarze Reinwardttaube
Phasianelle de Brown

Taxonomische indeling

Bird Order
Duiven (Columbiformes)
Bird Family
Duiven (Columbidae)
Bird Genus
Reinwardtoena

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.

Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Duiven

Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag.  De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
  • Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
  • Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
  • Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
  • Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Huisvestingsrichtlijnen Duiven

Man:
Het mannetje is een opvallend slanke duif van circa 40-46 cm lengte, met een zeer lange, wigvormige staart die de soort een kenmerkend silhouet geeft. Het verenkleed is overwegend donker kastanjebruin op rug en vleugels, contrasterend met een grijzige tot licht zilvergrijze kop en borst. De hals en bovenzijde van de borst vertonen vaak een subtiele groene of purperen irisatie. De buik en onderstaart zijn lichter grijsbruin. De staart is donkerbruin met lichtere buitenste veren en een smalle bleke eindband. De snavel is zwart, de poten donkerrood tot karmijnrood en de iris oranjerood, omlijst door een smalle bleke oogring.

Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje maar is gemiddeld iets kleiner en matter gekleurd. De iriserende glans op de hals is minder uitgesproken en de borst is meer egaal grijsbruin van toon. De iris is eerder oranjebruin dan fel rood.

Juveniel:
Juveniele vogels zijn meer egaal bruin van kleur, zonder duidelijke irisatie en met lichtere veerranden die een geschubd patroon vormen op rug en vleugels. De kop en borst zijn doffer grijsbruin, de snavel is donkergrijs, de poten bleker rood en de iris donkerbruin. De staart is reeds relatief lang, maar de contrasterende eindband is minder scherp.

Kuiken:
De kuikens zijn nestblijvers en komen uit met een dun, bruinachtig dons. De snavel is donker en relatief fors, de poten vleeskleurig en de ogen gesloten bij uitkomst. In de eerste levensdagen worden ze gevoed met 'duivenmelk', waarna ze hun eerste bruinige juveniele verenkleed ontwikkelen.