Roze lepelaar

Platalea ajaja

Log in om deze soort toe te voegen

De Roze lepelaar (Synoniem: Rode lepelaar) behoort tot het geslacht Platalea uit de familie van Ibissen en Lepelaars (Threskiornithidae).

Deze roze steltloper komt voor langs de kusten van het zuidoosten van de Verenigde Staten tot Zuid-Amerika, inclusief de Cara�ben. Hij leeft in ondiepe wateren zoals moerassen, lagunes en mangrovegebieden. Met zijn brede, lepelvormige snavel vist hij in ondiep water naar schaaldieren en vis. Deze sociale vogel foerageert vaak in groepen en nestelt in bomen en struiken nabij water.

Roze lepelaar
Roseate spoonbill
Rosal�ffler
Spatule ros�e

Taxonomische indeling

Bird Order
Pelikanen, Reigerachtigen, Ibissen en Lepelaars (Pelecaniformes)
Bird Family
Ibissen en lepelaars (Threskiornithidae)
Bird Genus
Platalea

Ringmaat

Man 14.0 mm Vrouw 14.0 mm

Welzijnsadviezen

Ibissen en lepelaars

In de avicultuur vraagt deze soort om een ruime volière met waterpartijen, veilige broedgelegenheden en een gevarieerd dieet.
De volgende punten kunnen als aanbevolen richtlijn worden gebruikt:

  • Huisvesting: ruime volière (ca. 20–30 m² per paar, ± 3 m hoog) met vijver of waterpartij en beplanting; nestplatforms of takkenbossen voor broed.
  • Klimaat: gematigde soorten buiten met beschutting; tropische soorten vorstvrij (ca. 10 °C of warmer).
  • Sociaal: groeps- of koloniehuisvesting aanbevolen; in broedseizoen voldoende ruimte en nestplekken om agressie te beperken.
  • Voeding: watervogelpellets aangevuld met vis, weekdieren, garnalen, insecten; eventueel plantaardig materiaal.
  • Water & hygiëne: altijd vers drink- en badwater; vijvers regelmatig verversen of doorstromen.

 

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij voliere

Man:
Het mannetje heeft een opvallend felroze verenkleed over het gehele lichaam, met lichtere roze tinten op de borst en donkerder roze vleugels. De kop is naakt en bleekgeel tot groenig, zonder veren, met een lange, platte lepelvormige snavel die roze van kleur is met een donkere punt. De poten zijn lang en roze, geschikt voor waden in ondiep water. De iris is roodachtig oranje.

Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont hetzelfde roze verenkleed. Ze is meestal iets kleiner en kan iets zachtere roze tinten hebben op de borst en vleugels. De snavel en poten zijn gelijk aan die van het mannetje, en de iris roodachtig oranje.

Juveniel:
Jonge vogels hebben een matter roze tot cr�mekleurig verenkleed en missen de intense roze kleur van volwassen vogels. De kop is deels bevederd en de snavel is lichter roze en minder ontwikkeld. De poten zijn lichter roze en de iris bruinachtig.

Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsachtig tot wit dons. De snavel is kort, lichtgrijs en recht. De poten zijn grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel en poten hun roze kleur en verandert het dons in het volwassen felroze verenkleed.

Bekijk ook:

  • Tijdschrift 266