Mexicaanse steltkluut

Himantopus mexicanus

Log in om deze soort toe te voegen

De Mexicaanse steltkluut (Synoniem: Amerikaanse steltkluut) behoort tot het geslacht Himantopus uit de familie van Kluten en steltkluten (Recurvirostridae).

De zwarte halsstelt is een vogel die voorkomt in de natte gebieden van Noord- en Zuid-Amerika, van de westkust van Californië tot Florida en verder zuidwaarts. Ze gebruiken ondiepe wetlands met weinig vegetatie, zoals zoutpannen en brakke wateren, als hun habitat. De vogels zijn overdag actief en voeden zich met kleine dieren zoals insecten, schaaldieren en vis. Ze zijn bekend om hun lange, dunne benen en unieke voedingsgewoonten, waarbij ze vaak in ondiep water stappen om prooi te vangen.

Mexicaanse steltkluut
Black-necked stilt
Amerikanischer Stelzenläufer
Échasse d'Amérique

Taxonomische indeling

Bird Order
Steltloperachtigen (Charadriiformes)
Bird Family
Kluten (Recurvirostridae)
Bird Genus
Himantopus

Ringmaat

Man 7.0 mm Vrouw 7.0 mm

Welzijnsadviezen

Kluten en Steltkluten

Kluten en Steltkluten zijn sierlijke steltlopers die voorkomen in open, ondiepe waterrijke gebieden. Ze foerageren in ondiep water op insecten en kleine waterdieren en broeden op open zand- of grindvlaktes. In de avicultuur vragen ze om ruime water- en landzones, een schone omgeving en rustige omstandigheden. De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Huisvesting: buitenverblijf met vijver of moerasgedeelte (30–40 m² per koppel); waterdiepte 10–25 cm; zandige oever en open vegetatie; binnenverblijf ± 2–3 m² per vogel, droog en goed geventileerd.
  • Klimaat: gematigd; temperatuur 10–25 °C; bij vorst verwarmd binnenhok; schone waterpartij en goede drainage belangrijk; schaduw in de zomer voorzien.
  • Sociaal: kolonievogels; te houden in groep of koppel; territoriaal tijdens broedperiode; rustige omgeving vermindert stress.
  • Voeding: insecten, wormen, kreeftachtigen en weekdieren; watervogelvoer met insecten en garnalen; voer deels in water aanbieden; altijd schoon drinkwater beschikbaar.
  • Overig: broedplaatsen op eilanden of grindzones; regelmatige waterverversing; dagelijkse hygiëne; rustige ligging bevordert natuurlijk gedrag en broedsucces.
Huisvestingsrichtlijnen Kluten en steltkluten

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Europese soort (EG richtlijn)

Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
  • Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.

Man:
Het mannetje heeft een opvallend contrastrijk zwart-wit verenkleed. De kop is wit met een zwarte kap die zich uitstrekt over de kruin, nek en achterzijde van het hoofd. De rug, vleugels en bovenzijde zijn glanzend zwart, terwijl de onderzijde, keel en borst helder wit zijn. De snavel is zeer lang, dun en volledig zwart. De poten zijn lang en helder roze tot rood. De iris is donkerbruin tot roodbruin.

Vrouw:
Het vrouwtje is over het algemeen gelijk aan het mannetje, maar de zwarte bovenzijde heeft vaak een bruinachtige glans, vooral op de rug en vleugels. De koptekening is hetzelfde, maar kan iets minder contrastrijk ogen. De snavel en poten zijn zoals bij het mannetje, respectievelijk zwart en roze tot rood.

Juveniel:
Jonge vogels lijken op de vrouwtjes, maar hebben een matter verenkleed. De zwarte bovenzijde is bruingrijs en toont fijne lichte randen aan de veren. De koptekening is minder scherp afgetekend en de iris is donkerbruin. De poten zijn valer roze.

Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met donzig, lichtbruin verenkleed met donkere vlekken en strepen die zorgen voor camouflage. De onderzijde is witachtig. De snavel is korter en donkergrijs, de poten zijn al opvallend lang en grijsgroen, en de iris is donker.

Bekijk ook:

  • Tijdschrift 178