Vogel
Abdims ooievaar
Abdims ooievaar
Ciconia abdimii
Log in om deze soort toe te voegenDeze kleine Afrikaanse ooievaar, ook wel wittebuikooievaar genoemd, is vooral te vinden in open graslanden, savannes en landbouwgebieden ten zuiden van de Sahara, van Ethiopi� tot Zuid-Afrika, en broedt in het noorden van deze regio tijdens het regenseizoen. Het zijn sociaal levende vogels die vaak in grote groepen foerageren, soms met duizenden bijeen rond insectenzwermen zoals sprinkhanen, die hun voornaamste voedselbron vormen. Ze broeden op bomen, rotsen en daken en verhuizen na het broedseizoen naar het oosten en zuiden van Afrika, waar ze vooral overdag actief zijn en met visuele baltsrituelen communiceren. Kleine zoogdieren, amfibie�n en reptielen worden ook wel gegeten, maar insecten domineren hun dieet. Zoals bij veel ooievaars koelen ze zich af door uitwerpselen over hun poten te spuiten.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Ooievaarachtigen (Ciconiiformes)
- Bird Family
- Ooievaars (Ciconiidae)
- Bird Genus
- Ciconia
Ringmaat
Man 12.0 mm Vrouw 12.0 mmWelzijnsadviezen
Ooievaars
Ooievaarachtigen vragen om veel ruimte, waterpartijen en veilige broedgelegenheden. De volgende punten kunnen voor deze soort als aanbevolen richtlijn worden gebruikt:
- Huisvesting: ruime volière of verblijf (ca. 50 m² per paar, ca. 4–5 m hoog) met waterpartij en stevige nestplatforms.
- Klimaat: gematigde soorten buiten met beschutting; tropische soorten vorstvrij (ca. 10 °C of warmer); maraboes baat bij verwarmd binnenverblijf.
- Sociaal: groeps- of koloniehuisvesting aanbevolen; in broedseizoen voldoende ruimte en nestplekken om conflicten te beperken.
- Voeding: vis, kikkers, muizen, insecten, weekdieren en andere dierlijke eiwitten; aanvullend watervogelpellets of volledig voer.
- Water & hygiëne: altijd vers drink- en badwater; waterpartijen regelmatig verversen of doorstromen.
Man:
Het mannetje heeft een overwegend zwart verenkleed op rug, vleugels en staart, met een witte onderzijde. De kop en nek zijn zwart, en de poten zijn rood. De snavel is relatief kort, recht en rood van kleur. De iris is donkerbruin tot roodachtig.
Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont hetzelfde zwart-witte verenkleed en rode poten en snavel. Ze is meestal iets kleiner en de snavel kan iets slanker zijn. De iris is identiek aan die van het mannetje.
Juveniel:
Jonge vogels lijken op de volwassenen, maar het zwarte verenkleed is matter en minder glanzend. De poten en snavel zijn donkerder of bruinachtig, en de iris bruinachtig.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsbruin dons met lichte vlekken voor camouflage. De onderzijde is lichter, bijna witachtig. De snavel is kort en grijs, de poten grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel, poten en volwassen zwart-witte verenkleed zich volledig, evenals de karakteristieke rode poten en snavel.