Vogel
Harlekijnkwartel
Harlekijnkwartel
Coturnix delegorguei
Log in om deze soort toe te voegenDe Harlekijnkwartel behoort tot het geslacht Coturnix binnen de familie van Hoenderachtigen (Phasianidae).
Deze kwartel komt voor in sub-Sahara Afrika en de zuidwestelijke Arabische Schiereiland en leeft vooral in graslanden en landbouwgebieden. Hij is schuw en goed gecamoufleerd, wat hem helpt te schuilen in dicht gras. De vogel is voornamelijk actief bij zonsopgang en -ondergang en communiceert met herkenbare roepgeluiden.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Hoenderachtigen (Galliformes)
- Bird Family
- Fazantachtigen (Phasianidae)
- Bird Genus
- Coturnix
Ringmaat
Man 4.5 mm Vrouw 4.5 mmWelzijnsadviezen
Hoenderachtigen
Hoenderachtigen omvatten een brede groep vogels zoals fazanten, pauwen, hokko’s en ruigpoothoenders. Deze vogels worden in de avicultuur gehouden vanwege hun sierwaarde en gedragsrijkdom. Ze vragen om ruime, veilige en goed ingerichte verblijven met aandacht voor beschutting en afzondering, sociaal gedrag en een natuurlijke bodembedekking. De volgende hoofdpunten worden door Aviornis als welzijnsadviezen aanbevolen.
- Huisvesting: ruime volière (4–18 m² per paar, minimaal 1,80m hoog) voorzien van struiken / bomen / lage vegetatie en/of andere elementen om zich achter terug te trekken.
- Klimaat: de meeste soorten zijn winterhard, maar moeten beschikken over een droge en tochtvrije omgeving. Niet winterharde soorten moeten beschikken over een vorstvrij binnenverblijf.
- Sociaal: houden volgens soort specifieke structuur.
- Voeding: Fazantenvoer of volledig pluimveevoer, aangevuld met zaden, granen, groenvoer, fruit/bessen en insecten; altijd vers drinkwater en grit.
- Overig: een droge, goed doorlatende bodem; geschikte bodembedekking; visuele afscheiding tussen koppels; overbezetting vermijden om stress en verenpluk te voorkomen.
Man:
Het mannetje heeft een opvallende keel- en gezichtstekening. De keel is zwart, omlijst door een witte band die zich uitstrekt naar de zijkant van de kop en nek. De kruin en rug zijn bruin met donkere strepen, de vleugels lichtbruin met fijne patronen. De borst is roodbruin tot kastanjekleurig, de buik lichtbeige. De flanken tonen donkere strepen. De snavel is zwart, de poten vleeskleurig tot lichtroze en de iris donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje is veel minder contrastrijk. De keel is vuilwit zonder de zwarte omlijsting van het mannetje. Het verenkleed is overwegend bruin met donkere strepen en lichte vlekken die zorgen voor camouflage in grasland. De borst is lichtbruin en de buik beige. De snavel is donkergrijs tot bruin, de poten vleeskleurig en de iris donkerbruin.
Juveniel:
Juveniele vogels lijken op het vrouwtje, maar zijn egaler bruin van kleur met vage strepen en zonder uitgesproken koptekening. De snavel is lichter grijs, de poten vleeskleurig en de iris donker.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met geelbruin dons met donkere strepen over rug en kop, wat camouflage biedt in grasrijke habitats. De onderzijde is lichter beige. De snavel is klein en lichtgrijs, de poten vleeskleurig en de iris donker.