Blauw sneeuwhoen

Dendragapus obscurus

Log in om deze soort toe te voegen

De Blauw sneeuwhoen (synoniem: Boshoen of Blue grouse) behoort tot het geslacht Dendragapus binnen de familie van Ruigpoothoenders (Phasianidae).

Deze vogel leeft in bergachtige gebieden van West-Noord-Amerika, waar hij wisselt tussen open gemengde bossen en dichtbeboste naaldbossen. In de zomer voedt hij zich met planten en insecten in subalpiene weiden, terwijl hij in de winter vooral leeft in naaldhoutbossen op grotere hoogte om te schuilen en te foerageren. Het is een schuwe bosbewoner met seizoensgebonden migratiepatronen binnen zijn leefgebied.

Blauw sneeuwhoen
Dusky Grouse
Douglasiengebirgshuhn
T�tras sombre

Taxonomische indeling

Bird Order
Hoenderachtigen (Galliformes)
Bird Family
Fazantachtigen (Phasianidae)
Bird Genus
Dendragapus

Ringmaat

Man 10.0 mm Vrouw 10.0 mm

Welzijnsadviezen

Ruigpoothoenders

Ruigpoothoenders, waaronder korhoenders, hazelhoenders en sneeuwhoenders, zijn vogels uit koelere streken die zich goed aanpassen aan bosrijke of bergachtige gebieden. In de avicultuur vragen ze om rustige, ruime volières met natuurlijke begroeiing, schaduw en beschutting. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (30–50 m² per paar, ≥ 2,5 m hoog) met zand-, aarde- of grasbodem; afwisseling van open zones en beplanting (struiken, varens, coniferen) voor beschutting; droog nacht- of rusthok (3–5 m² per paar) bij slecht weer of kou.
  • Klimaat: koudetolerant; jaarrond buiten te houden mits droog en tochtvrij; natte omstandigheden vermijden; in warme klimaten schaduw en ventilatie voorzien.
  • Sociaal: leven in paren of kleine groepen; tijdens broedperiode territoriale hanen – aparte verblijven aanbevolen; rustige omgeving bevordert natuurlijk gedrag.
  • Voeding: fazanten- of hoendervoer aangevuld met zaden, bessen, knoppen en bladgroen; in kweek extra insecten of meelwormen; grit en maagkiezel altijd beschikbaar; dagelijks vers water.
  • Overig: regelmatig schoonmaken van verblijven om parasieten en schimmel te voorkomen; natuurlijke beplanting bevordert welzijn; harde geluiden en plotselinge verstoringen vermijden.
Huisvestingsrichtlijnen Ruigpoothoenders

Man:
De man heeft een donkergrijs verenkleed met een subtiele blauwachtige glans. De borst is vaak donkerder dan de rest van het lichaam, met een bijna zwarte tint. De vleugels vertonen lichtere randen, wat een versleten uiterlijk kan geven. De kop is donkergrijs met een lichte, bijna onzichtbare oogring. De snavel is kort en zwart, met een stevige basis. De poten zijn donkergrijs en hebben een robuuste structuur. De iris is donkerbruin, wat contrasteert met de donkere kop.

Vrouw:
De vrouw heeft een meer gem�leerd verenkleed met bruine en grijze tinten. De borst is lichter en vertoont een fijne bandering. De vleugels hebben een duidelijker patroon van lichte en donkere strepen. De kop is bruin met een subtiele, lichtere oogring. De snavel is kort en grijs, met een iets slankere vorm dan die van de man. De poten zijn lichtgrijs en minder robuust. De iris is donkerbruin, passend bij de rest van het verenkleed.

Juveniel:
Juvenielen hebben een gem�leerd verenkleed dat lijkt op dat van de vrouw, maar met meer contrast. De borst is lichter en vertoont een onregelmatige bandering. De vleugels zijn donkerder met lichtere randen, wat een versleten uiterlijk geeft. De kop is bruin met een onopvallende oogring. De snavel is kort en grijs, met een nog onvolgroeide basis. De poten zijn lichtgrijs en slanker dan die van volwassen vogels. De iris is donkerbruin, maar kan lichter lijken in fel licht.

Kuiken:
Kuikens hebben een donzig verenkleed met een mengeling van bruine en gele tinten. De snavel is klein en lichtgekleurd, passend bij hun jonge leeftijd.