Blauwe reiger

Ardea cinerea

Log in om deze soort toe te voegen

De Blauwe reiger behoort tot het geslacht Ardea binnen de familie van Reigers (Ardeidae).

De blauwe reiger is een grote, langpotige watervogel die voorkomt in Europa, Azi� en delen van Afrika. Hij leeft vooral in moerassen, langs rivieren, meren en kustgebieden waar hij vis vangt. Deze solitaire jager staat stil of sluipt langzaam door ondiep water om prooien te verschalken. In het broedseizoen nestelt hij kolonievormend hoog in bomen.

Blauwe reiger
Grey Heron
Graureiher
H�ron cendr�

Taxonomische indeling

Bird Order
Pelikanen, Reigerachtigen, Ibissen en Lepelaars (Pelecaniformes)
Bird Family
Reigers (Ardeidae)
Bird Genus
Ardea

Ringmaat

Man 14.0 mm Vrouw 14.0 mm

Welzijnsadviezen

Reigers

Reigers zijn wadvogels die voorkomen in waterrijke gebieden met ondiep water, moerassen en rietvelden. In de avicultuur vragen ze om ruime, rustige verblijven met voldoende water, visrijke voeding en veilige rustplaatsen. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruim buitenverblijf (50–80 m² per paar) met ondiep water (10–40 cm) en zacht aflopende oevers met gras, zand of riet; hoge zitplaatsen (takken, platforms) voor rust; droog, tochtvrij binnenverblijf bij kou of regen.
  • Klimaat: gematigde soorten winterhard op ijsvrij water; tropische soorten vorstvrij bij >10 °C; goed geventileerd en droog verblijf voorkomt schimmelvorming.
  • Sociaal: leven solitair of in losse kolonies; tijdens broedperiode territoriaal – voldoende ruimte en visuele afscheiding nodig; rustige omgeving bevordert natuurlijk gedrag.
  • Voeding: verse of diepgevroren vis (haring, sprot, voorn, forel); aanvullen met insecten, garnalen, mosselen of watervogelpellets; in kweek extra dierlijk eiwit en kalk; altijd schoon zwem- en drinkwater.
  • Overig: waterkwaliteit waarborgen door regelmatige verversing of doorstroming; beschutting voor schuwe soorten; scherpe randen vermijden om verenkleed te beschermen.
Huisvestingsrichtlijnen reigers

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Europese soort (EG richtlijn)

Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
  • Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.

Man:
De man heeft een opvallend grijs verenkleed met een zilverachtige glans. De kop is wit met een zwarte streep die doorloopt tot in de kuif. De nek is lichtgrijs met fijne zwarte strepen. De borst is wit met een subtiele grijze tint. De vleugels zijn donkergrijs met lichtere randen. De snavel is geel met een oranje tint aan de basis. De poten zijn donkergrijs met een lichtgroene schijn.

Vrouw:
De vrouw heeft een iets doffer grijs verenkleed dan de man. De kop is wit met een minder uitgesproken zwarte streep. De nek is lichtgrijs met minder duidelijke strepen. De borst is wit met een grijze waas. De vleugels zijn donkergrijs met minder contrasterende randen. De snavel is geel, maar iets minder fel dan bij de man. De poten zijn grijs met een subtiele groene tint.

Juveniel:
Juvenielen hebben een bruingrijs verenkleed zonder de glans van volwassen vogels. De kop is grijsbruin zonder duidelijke strepen. De nek is egaal grijsbruin met een lichte streep. De borst is lichtgrijs met een bruine tint. De vleugels zijn donkergrijs met een matte uitstraling. De snavel is grijsgeel met een donkere punt. De poten zijn grijs met een bruine tint.

Kuiken:
Kuikens hebben een pluizig, lichtgrijs verenkleed. De snavel is geelachtig met een donkere basis.

Bekijk ook:

  • Tijdschrift 300