Brolga kraanvogel

Antigone rubicunda

Log in om deze soort toe te voegen

De Brolga kraanvogel (Synoniem: Australische kraanvogel) behoort tot het geslacht Antigone uit de familie van Kraanvogels (Gruidae).

Deze grote, grijsgekleurde kraanvogel leeft in draslanden van tropisch en zuidoostelijk Australi� en Zuid-Nieuw-Guinea. Ze vertonen bijzondere paringsdansen en bouwen nesten in moerasrijke gebieden. Hun voeding bestaat uit planten, ongewervelden en kleine gewervelde dieren, waarbij ze met hun snavel de bodem omwoelen op zoek naar voedsel.

Antigone rubicunda
Brolga Crane
Brolgakranich
Grue brolga

Taxonomische indeling

Bird Order
Kraanvogelachtigen (Gruiformes)
Bird Family
Kraanvogels (Gruidae)
Bird Genus
Antigone

Ringmaat

Man 22.0 mm Vrouw 22.0 mm

Welzijnsadviezen

Kraanvogels

Het welzijn van deze soort vraagt om zorgvuldige aandacht voor leefomgeving en huisvesting.
Om de kraanvogels op een verantwoorde en diervriendelijke manier te verzorgen, delen wij hieronder de belangrijkste aanbevolen richtlijnen.

  • Voeding: variatie van planten, granen, dierlijke eiwitten of pellets.
  • Sociaal: paren in broedseizoen, groepen buiten seizoen.
  • Leefruimte: buitenverblijf met gras, beschutting en water.
  • Klimaat: winterharde soorten buiten; subtropisch verwarmd; andere vorstvrij.
  • Ruimte: grote soorten ± 200-300 m², kleine soorten ± 100-150 m², subtropische soorten ± 10 m² binnen.
Huisvestingsrichtlijnen Kraanvogels

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
  • Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
  • Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.

Man:
Het mannetje heeft een overwegend grijs verenkleed over het gehele lichaam, met lichte witte strepen op de vleugels en rug. De kop en bovenhals zijn rood, kaal en contrasteren sterk met het grijze lichaam. De snavel is lang, recht en grijs tot hoornkleurig. De poten zijn grijs tot zwart en lang, geschikt om in moerassige gebieden te waden. De iris is bruinachtig.

Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont hetzelfde grijze verenkleed en rode kale kop. Ze is meestal iets kleiner en de snavel kan iets slanker zijn. De poten en iris zijn identiek aan die van het mannetje.

Juveniel:
Jonge vogels lijken op de volwassenen, maar het grijze verenkleed is matter en minder contrastrijk. De kop en hals zijn deels bedekt met fijne grijze donsveren en missen de volledige rode kleur. De snavel is korter en grijzer, de poten grijzer en de iris bruinachtig.

Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsbruin dons met lichtere vlekken op de bovenzijde voor camouflage. De onderzijde is lichter, bijna beige. De snavel is kort en grijs, de poten grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel, poten en volwassen grijs verenkleed zich volledig, evenals de karakteristieke rode kale kop en hals.