Vogel
Canadese Oehoe
Canadese Oehoe
Bubo virginianus subarcticus
Log in om deze soort toe te voegenDe Canadese Oehoe behoort tot het geslacht Bubo binnen de familie van Uilen (Strigidae).
De Canadese oehoe is een imposante uilensoort van Noord-Amerika met een licht verenkleed en opvallende oorpluimen. Deze vogel komt voor in de noordelijke delen van het Amerikaanse continent en is kleiner dan zijn Europese neef. Hij leeft in diverse habitats en jaagt vooral op kleine zoogdieren en vogels. Het mannetje en vrouwtje paren aan het einde van de winter en gebruiken voor hun nestels meestal oude nesten van roofvogels of graven hun nest in de grond. Met hun scherpe zintuigen en stille vlucht zijn deze uilen meesterjagers in het donker.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Uilen (Strigiformes)
- Bird Family
- Echte uilen (Strigidae)
- Bird Genus
- Bubo
Ringmaat
Man 20.0 mm Vrouw 20.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
EU verordening bijlage B (CITES appendix II)
Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
- Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
- Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.
Man:
De man heeft een overwegend grijsbruin verenkleed met een lichte, bijna zilverachtige glans. De kop is groot met opvallende oorpluimen en een donkerder masker rond de ogen. De borst is licht met fijne, donkere dwarsbanden die naar de buik toe vervagen. De vleugels zijn breed met een mix van donkere en lichtere veren, wat een gemarmerd effect geeft. De dekveren zijn iets lichter van kleur met subtiele, versleten randen. De snavel is kort en krachtig, zwart van kleur met een lichte wasachtige basis. De poten zijn bedekt met dikke, grijze veren en de ogen hebben een felgele iris.
Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar is over het algemeen iets donkerder. De oorpluimen zijn prominenter en de kop heeft een meer uitgesproken contrast met de nek. De borst toont bredere en duidelijkere dwarsbanden die doorlopen naar de buik. De vleugels hebben een diepere tint met minder zichtbare lichte vlekken. De dekveren zijn minder versleten en hebben een meer uniforme kleur. De snavel is iets langer en heeft een donkerdere wasachtige basis. De poten zijn eveneens bedekt met grijze veren, en de ogen hebben een intensere gele kleur.
Juveniel:
Juvenielen hebben een egaler bruin verenkleed met een matte uitstraling en minder uitgesproken oorpluimen. De kop is minder contrastrijk, met een vage tekening rond de ogen. De borst en buik zijn bedekt met brede, onregelmatige strepen die naar beneden toe vervagen. De vleugels zijn donkerder met een subtiele, gemarmerde textuur en minder uitgesproken dekveren. De snavel is kleiner en lichter van kleur, met een nauwelijks zichtbare wasachtige basis. De poten zijn dunner en minder dicht bevederd, met een grijze tint. De ogen hebben een doffere, geelachtige iris die minder opvalt.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een zachte, grijze donslaag die een pluizige uitstraling heeft. De ogen zijn groot en donker, met een lichte, gele iris.