Diksnavelgroeneduif

Treron curvirostra

Log in om deze soort toe te voegen

De Diksnavelgroeneduif behoort tot het geslacht Treron uit de familie van duiven (Columbidae)

.

De dikbekpapegaaiduif is een kleine, veelkleurige duivensoort die in grote delen van zuidelijk en zuidoostelijk Azië voorkomt, van de Himalaya tot de Filippijnen en Sumatra. Hij leeft vooral in subtropische en tropische laaglandbossen en mangrovegebieden. Deze vogel voedt zich voornamelijk met vijgen, die hij rustig van de takken plukt, en wordt vaak gezien in kleine groepen hoog in de bomen.

Diksnavelgroeneduif
Thick-billed Green Pigeon
Papageischnabel-Grüntaube
Colombar à gros bec

Taxonomische indeling

Bird Order
Duiven (Columbiformes)
Bird Family
Duiven (Columbidae)
Bird Genus
Treron

Ringmaat

Man 8.0 mm Vrouw 8.0 mm

Welzijnsadviezen

Duiven

Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag.  De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
  • Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
  • Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
  • Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
  • Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Huisvestingsrichtlijnen Duiven

Man:
Het mannetje is een middelgrote vruchtenetende duif van circa 27-29 cm lengte. Het verenkleed is overwegend groen, perfect aangepast aan een leven in dicht bladerdak. De kop en nek zijn lichter groen met een zachtgele zweem. De rug en vleugels zijn diepgroen met opvallende kastanjebruine tot roodbruine dekveren op de vleugelbocht, een kenmerkend veld voor deze soort. De onderzijde is lichtgroen tot geelachtig, met een duidelijk contrasterende, heldergele onderstaart. De staart is middellang, donkergrijs met een brede lichtere eindband. De snavel is lichtblauwachtig aan de basis met een wit puntje, de poten zijn rood en de iris is oranje tot rood, omlijst door een smalle kale oogring.

Vrouw:
Het vrouwtje mist de kastanjebruine vleugelvelden en is overwegend egaal groen. De borst en buik zijn lichter geelgroen, en de rug en vleugels tonen geen roodbruine tinten. De iris en poten zijn vergelijkbaar met die van het mannetje, maar de oogring is doorgaans valer.

Juveniel:
Juvenielen lijken sterk op het vrouwtje, maar zijn doffer groen en vertonen fijne lichte randjes aan de vleugeldekveren, wat een geschubd patroon oplevert. De buik is vuiler geelgroen en de staartband minder contrastrijk. De snavel is grijsgroen, de poten bleker rood en de iris donkerbruin.

Kuiken:
De kuikens zijn nestblijvers en worden geboren met een dun, grijsachtig dons. De snavel is donker en relatief klein, de poten vleeskleurig en de ogen gesloten bij uitkomst. Ze worden de eerste weken gevoed met 'duivenmelk' en ontwikkelen daarna het groene juveniele verenkleed.