Vogel
Geelkapbaardvogel
Geelkapbaardvogel
Psilopogon henricii
Log in om deze soort toe te voegenDe Geelkapbaardvogel behoort tot het geslacht Psilopogon binnen de familie van Baardvogels (Megalaimidae).
Deze kleurrijke vogel komt voor in subtropische en tropische regenwouden van Zuidoost-Azi�, waaronder Maleisi�, Indonesi� en Thailand. Hij leeft vooral in laaglandbossen en moerassen en voedt zich met vruchten en insecten. Zijn gedrag bestaat uit rustig foerageren in het bladerdek en het uitbrengen van luide geluiden.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Spechtachtigen (Piciformes)
- Bird Family
- Aziatische baardvogels (Megalaimidae)
- Bird Genus
- Psilopogon
Ringmaat
Welzijnsadviezen
Baardvogels
Baardvogels zijn kleurrijke holenbroeders uit tropische en subtropische gebieden van Afrika, Azië en Amerika. Ze leven voornamelijk in bossen en halfopen landschappen en hebben in de avicultuur behoefte aan ruime, goed beplante volières met nestgelegenheid en warm klimaat. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.
- Huisvesting: ruime volière (6–10 m² per koppel, 2–3 m hoog) met dichte beplanting, takken en nestblokken of boomstammen met holtes; droog, tochtvrij binnenverblijf aanwezig.
- Klimaat: warm en vochtig; temperatuur boven 18 °C; luchtvochtigheid 50–70%; goede ventilatie zonder tocht.
- Sociaal: houden in paren of kleine familiegroepen; tijdens broedperiode koppels apart om territoriaal gedrag te beperken.
- Voeding: zachtvoer voor insecten- en fruiteters; aanvullen met fruit (banaan, appel, bessen) en insecten (meelwormen, krekels); tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers water.
- Overig: zand- of turfbodem regelmatig reinigen; nestblokken of zacht hout bevorderen natuurlijk broedgedrag; rustige omgeving en natuurlijke inrichting.
Man:
De man heeft een helder groene lichaamskleur met een glanzende uitstraling. De kop is opvallend met een blauwe tint en een zwarte streep die van de snavel naar de nek loopt. De borst is lichtgroen met subtiele gele vlekken, die naar de buik toe vervagen. De vleugels zijn donkergroen met een lichte rand aan de dekveren. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn grijs met een gladde textuur. De iris is donkerbruin, omringd door een dunne, lichte oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een iets doffere groene kleur dan de man, met minder glans. De kop is minder uitgesproken blauw, met een meer uniforme groene tint. De borst heeft een egalere groene kleur zonder de gele vlekken van de man. De vleugels zijn vergelijkbaar, maar de randen zijn minder scherp afgetekend. De snavel is iets lichter van kleur, maar behoudt dezelfde vorm. De poten zijn eveneens grijs, maar met een iets ruwere structuur. De iris is donkerbruin, met een subtiele, lichtere oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer groen verenkleed met een matte uitstraling. De kop mist de blauwe tint en heeft een meer uniforme groene kleur. De borst en buik zijn egaal groen zonder opvallende vlekken of patronen. De vleugels zijn minder contrastrijk, met een vage rand aan de dekveren. De snavel is lichter en minder stevig dan bij volwassen vogels. De poten zijn grijs, maar met een zachtere textuur. De iris is donkerbruin, zonder duidelijke oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, donzige groene laag. De snavel is licht en nog niet volledig ontwikkeld.