Goudkeelbaardvogel

Psilopogon franklinii

Log in om deze soort toe te voegen

De Goudkeelbaardvogel behoort tot het geslacht Psilopogon binnen de familie van Baardvogels (Megalaimidae).

Deze kleurrijke baardvogel leeft in vochtige, subtropische en tropische bossen op hoogtes tussen 900 en 2700 meter in Zuid- en Zuidoost-Azi�. Hij voedt zich voornamelijk met vruchten en insecten en staat bekend om zijn luide, territoriale roep. Hij is meestal solitair of in kleine groepen te vinden.

Goudkeelbaardvogel
Golden-throated Barbet
Goldkehl-Bartvogel
Barbu de Franklin

Taxonomische indeling

Bird Order
Spechtachtigen (Piciformes)
Bird Family
Aziatische baardvogels (Megalaimidae)
Bird Genus
Psilopogon

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Baardvogels

Baardvogels zijn kleurrijke holenbroeders uit tropische en subtropische gebieden van Afrika, Azië en Amerika. Ze leven voornamelijk in bossen en halfopen landschappen en hebben in de avicultuur behoefte aan ruime, goed beplante volières met nestgelegenheid en warm klimaat. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (6–10 m² per koppel, 2–3 m hoog) met dichte beplanting, takken en nestblokken of boomstammen met holtes; droog, tochtvrij binnenverblijf aanwezig.
  • Klimaat: warm en vochtig; temperatuur boven 18 °C; luchtvochtigheid 50–70%; goede ventilatie zonder tocht.
  • Sociaal: houden in paren of kleine familiegroepen; tijdens broedperiode koppels apart om territoriaal gedrag te beperken.
  • Voeding: zachtvoer voor insecten- en fruiteters; aanvullen met fruit (banaan, appel, bessen) en insecten (meelwormen, krekels); tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers water.
  • Overig: zand- of turfbodem regelmatig reinigen; nestblokken of zacht hout bevorderen natuurlijk broedgedrag; rustige omgeving en natuurlijke inrichting.
Huisvestingsrichtlijnen Baardvogels

Man:
De man heeft een levendig groen verenkleed met een glanzende uitstraling. De kop is opvallend met een felblauwe keel en een rode voorhoofdsvlek. De borst is iets lichter groen, wat een subtiel contrast biedt met de rest van het lichaam. De vleugels tonen donkere, bijna zwarte, randen die scherp afsteken tegen het groen. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn grijsachtig met een gladde textuur. De iris is donkerbruin, omringd door een dunne, lichte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar groen verenkleed, maar met een iets doffere tint. De blauwe keel is minder intens dan bij de man, en de rode voorhoofdsvlek is kleiner. De borst heeft een egalere groene kleur zonder opvallende contrasten. De vleugels zijn gelijk aan die van de man, maar de randen zijn minder scherp gedefinieerd. De snavel is iets lichter van kleur, met een subtiele kromming. De poten zijn eveneens grijsachtig, maar met een iets ruwere structuur. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer groen verenkleed zonder de glans van volwassen vogels. De kop mist de blauwe en rode accenten, wat een meer uniforme uitstraling geeft. De borst is vaalgroen, zonder duidelijke scheiding van de rest van het lichaam. De vleugels hebben minder uitgesproken donkere randen, waardoor ze minder contrasterend zijn. De snavel is lichter en minder gebogen dan bij volwassenen. De poten zijn bleekgrijs en vertonen een ruwe textuur. De iris is donker, zonder een zichtbare oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijze donslaag die weinig kleurvariatie vertoont. De snavel is kort en lichtgekleurd, met een zachte textuur.