Goudvink klein

Pyrrhula pyrrhula

Log in om deze soort toe te voegen

De Goudvink klein behoort tot het geslacht Pyrrhula binnen de familie van Vinkachtigen (Fringillidae).

Deze vogel komt voor in grote delen van Europa en Azi� en bewoont vooral loof- en naaldbossen, parken en tuinen met struikgewas. Het is een standvogel die doorgaans rustig en schuw is, in kleine groepjes leeft en zich voedt met zaden en bessen. Buiten het broedseizoen kan hij rondzwerven op zoek naar voedsel.

Goudvink klein
Eurasian Bullfinch
Gimpel
Bouvreuil pivoine

Taxonomische indeling

Bird Order
Zangvogels (Passeriformes)
Bird Family
Vinkachtigen (Fringillidae)
Bird Genus
Pyrrhula

Ringmaat

Man 2.7 mm Vrouw 2.7 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Europese soort (EG richtlijn)

Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
  • Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.

Man:
De man heeft een opvallend oranje-rode borst en buik, die sterk contrasteren met de zwarte kop. De rug is grijs met een subtiele blauwe glans, terwijl de vleugels diepzwart zijn. De vleugelveren hebben smalle witte randen, die in de winter kunnen vervagen. De staart is zwart met een lichte glans, en de onderstaartdekveren zijn wit. De snavel is kort, dik en zwart, met een lichte glans. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donkerbruin met een onopvallende zwarte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een meer gedempte kleurstelling met een bruingrijze borst en buik. De kop is donkergrijs, minder contrasterend dan bij de man. De rug is eveneens grijs, maar zonder de blauwe glans. De vleugels zijn zwart met minder opvallende witte randen. De staart is zwart, maar mist de glans die bij de man aanwezig is. De snavel is kort, dik en donkergrijs, zonder glans. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donkerbruin met een subtiele zwarte oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruingrijs verenkleed, zonder de felle kleuren van volwassen vogels. De kop is egaal bruin, zonder de zwarte kap van de volwassen man. De rug en vleugels zijn grijsbruin, met vaag zichtbare lichte randen. De staart is donkerbruin, zonder glans, en de onderstaartdekveren zijn vuilwit. De snavel is kort, dik en lichtgrijs, met een matte afwerking. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donkerbruin, zonder opvallende oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag grijs dons. De snavel is klein en lichtgrijs van kleur.