Groenkapbaardvogel

Psilopogon incognitus

Log in om deze soort toe te voegen

De Groenkapbaardvogel behoort tot het geslacht Psilopogon binnen de familie van Baardvogels (Megalaimidae).

De moustached barbet is een Aziatische baardvogel die vooral in de heuvels van Myanmar, Thailand, Cambodja, Laos en Vietnam voorkomt. Ze bewonen voornamelijk de brede bladerige loofbossen op een hoogte van 600 tot 700 meter. Deze vogel is addicts aan bomen en broedt in boomholtes. Het is een plompe vogel met een kort nekje, grote kop en korte staart. Hun territoriale roep is een luide, herhaalde klank. De vogels hebben een opvallende verschijning met groene lichaamsveren en afhankelijk van de ondersoort, andere kleuren op de kop en keel.

Groenkapbaardvogel
Moustached Barbet
Gr�nscheitel-Bartvogel
Barbu de Hume

Taxonomische indeling

Bird Order
Spechtachtigen (Piciformes)
Bird Family
Aziatische baardvogels (Megalaimidae)
Bird Genus
Psilopogon

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Baardvogels

Baardvogels zijn kleurrijke holenbroeders uit tropische en subtropische gebieden van Afrika, Azië en Amerika. Ze leven voornamelijk in bossen en halfopen landschappen en hebben in de avicultuur behoefte aan ruime, goed beplante volières met nestgelegenheid en warm klimaat. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (6–10 m² per koppel, 2–3 m hoog) met dichte beplanting, takken en nestblokken of boomstammen met holtes; droog, tochtvrij binnenverblijf aanwezig.
  • Klimaat: warm en vochtig; temperatuur boven 18 °C; luchtvochtigheid 50–70%; goede ventilatie zonder tocht.
  • Sociaal: houden in paren of kleine familiegroepen; tijdens broedperiode koppels apart om territoriaal gedrag te beperken.
  • Voeding: zachtvoer voor insecten- en fruiteters; aanvullen met fruit (banaan, appel, bessen) en insecten (meelwormen, krekels); tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers water.
  • Overig: zand- of turfbodem regelmatig reinigen; nestblokken of zacht hout bevorderen natuurlijk broedgedrag; rustige omgeving en natuurlijke inrichting.
Huisvestingsrichtlijnen Baardvogels

Man:
De man heeft een helder groene kleur met een lichte glans over het gehele verenkleed. De kop is opvallend met een blauwe tint die contrasteert met de rest van het lichaam. De keel en borst zijn iets lichter groen, bijna geelachtig, met een subtiele overgang naar de buik. De vleugels vertonen donkere randen die een versleten indruk kunnen geven. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn grijs met een gladde structuur, passend bij de algehele uitstraling. De iris is donkerbruin, omringd door een dunne, onopvallende oogring.

Vrouw:
De vrouwelijke vogel heeft een iets doffere groene kleur dan de man, met minder glans. De kop is minder uitgesproken blauw, maar toont een zachte blauwe waas. De keel en borst zijn gelijkmatig groen, zonder de gele tinten die bij de man voorkomen. De vleugels hebben vergelijkbare donkere randen, maar zijn minder versleten. De snavel is iets lichter van kleur, met een subtiele kromming. De poten zijn eveneens grijs, maar met een iets ruwere textuur. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een dof groen verenkleed zonder de glans die bij volwassen vogels te zien is. De kop is egaal groen, zonder de blauwe tinten van de volwassen vogels. De keel en borst zijn uniform groen, met een lichte, bijna onmerkbare gele zweem. De vleugels zijn minder contrastrijk, met nauwelijks zichtbare donkere randen. De snavel is lichter en minder stevig, met een rechte vorm. De poten zijn grijs, met een gladde structuur die nog in ontwikkeling is. De iris is lichtbruin, met een onopvallende oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, donzige laag die een vaag groenachtige tint heeft. De snavel is klein en lichtgekleurd, met een zachte textuur.