Grote baardvogel

Psilopogon virens

Log in om deze soort toe te voegen

De Grote baardvogel behoort tot het geslacht Psilopogon binnen de familie van Baardvogels (Megalaimidae).

Deze grote bosvogel leeft in tropische en gematigde bossen van het Himalayagebied tot Zuid-China en Indochina. Hij zoekt vaak in groepen in de boomtoppen naar insecten en vruchten. Tijdens het broedseizoen van april tot juli nestelt hij in boomholtes, waarbij beide ouders de jongen verzorgen.

Grote baardvogel
Great Barbet
Heulbartvogel
Barbu g�ant

Taxonomische indeling

Bird Order
Spechtachtigen (Piciformes)
Bird Family
Aziatische baardvogels (Megalaimidae)
Bird Genus
Psilopogon

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Baardvogels

Baardvogels zijn kleurrijke holenbroeders uit tropische en subtropische gebieden van Afrika, Azië en Amerika. Ze leven voornamelijk in bossen en halfopen landschappen en hebben in de avicultuur behoefte aan ruime, goed beplante volières met nestgelegenheid en warm klimaat. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (6–10 m² per koppel, 2–3 m hoog) met dichte beplanting, takken en nestblokken of boomstammen met holtes; droog, tochtvrij binnenverblijf aanwezig.
  • Klimaat: warm en vochtig; temperatuur boven 18 °C; luchtvochtigheid 50–70%; goede ventilatie zonder tocht.
  • Sociaal: houden in paren of kleine familiegroepen; tijdens broedperiode koppels apart om territoriaal gedrag te beperken.
  • Voeding: zachtvoer voor insecten- en fruiteters; aanvullen met fruit (banaan, appel, bessen) en insecten (meelwormen, krekels); tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers water.
  • Overig: zand- of turfbodem regelmatig reinigen; nestblokken of zacht hout bevorderen natuurlijk broedgedrag; rustige omgeving en natuurlijke inrichting.
Huisvestingsrichtlijnen Baardvogels

Man:
De man heeft een helder groene lichaamskleur met een glanzende uitstraling. De kop is opvallend met een blauwe tint rond de ogen en keel. De borst is iets lichter groen, wat een subtiel contrast biedt met de rest van het lichaam. De vleugels zijn donkerder groen met een lichte glans, terwijl de dekveren een iets doffere tint hebben. De snavel is stevig en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn grijsachtig met een gladde textuur. De iris is donkerbruin, omringd door een dunne, onopvallende oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar groen verenkleed als de man, maar met een matte afwerking. De blauwe tinten op de kop zijn minder uitgesproken en neigen naar een grijzige kleur. De borst heeft een egalere groene kleur zonder opvallende contrasten. De vleugels zijn iets lichter dan die van de man, met een subtiele glans. De snavel is iets slanker en heeft een donkergrijze kleur. De poten zijn lichtgrijs en hebben een iets ruwere textuur. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffer groen verenkleed met een meer uniforme uitstraling. De kop mist de blauwe tinten en is volledig groen. De borst en buik zijn egaal groen zonder duidelijke contrasten. De vleugels zijn dof en hebben een lichte bruine waas. De snavel is korter en lichter van kleur, vaak grijsachtig. De poten zijn bleekgrijs en hebben een gladde textuur. De iris is donkerbruin, zonder zichtbare oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, grijsgroene veren. De snavel is kort en lichtgrijs.