Vogel
Indische sporenkievit
Indische sporenkievit
Vanellus duvaucelii
Log in om deze soort toe te voegenDe Indische sporenkievit (synoniem: Rivierkievit) behoort tot het geslacht Vanellus binnen de familie van Plevieren, kieviten (Charadriidae).
Deze vogelsoort is een middelgrote, karakteristieke steltloper die voorkomt in noord- en noordoost-India, Nepal, Bhutan, Bangladesh, Myanmar, Thailand, Laos, Cambodja en Vietnam. Ze bewonen vooral open landschappen langs rivieren, moerassen, meren, zand- en grindbanken en draslanden waar ze op zoek gaan naar insecten, wormen, slakjes en kleine kreeftachtigen. In het broedseizoen nestelen ze op kale bodem nabij water, waar ze vaak solitair of in paartjes leven; buiten deze periode zijn ze iets minder kieskeurig in habitatgebruik en worden ze ook in natuurrijke akkerranden en rivierbegeleidende vegetatie gezien. Door habitatvernietiging en menselijke verstoring neemt hun aantal echter gestaag af.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Steltloperachtigen (Charadriiformes)
- Bird Family
- Kieviten en plevieren (Charadriidae)
- Bird Genus
- Vanellus
Ringmaat
Man 5.5 mm Vrouw 5.5 mmWelzijnsadviezen
Plevieren en Kieviten
Plevieren en kieviten zijn wadvogels die vooral leven op open vlaktes, kustgebieden en oevers van meren en rivieren. In de avicultuur vragen ze om droge, open verblijven met ondiep water, zachte bodem en voldoende rust- en foerageerplekken. Om plevieren of kieviten op een verantwoorde en diervriendelijke manier te verzorgen, delen wij hieronder de belangrijkste geadviseerde richtlijnen.
- Huisvesting: ruim buitenverblijf (40–60 m² per paar) met open zand- of grindbodem en ondiep water (5–15 cm) voor foerageren; helft van oppervlak droog met gras of lage vegetatie; enkele stenen of keien als rustplaatsen; binnenverblijf ± 4 m² per paar bij kou of regen.
- Klimaat: koudebestendig; jaarrond buiten met beschutting en ijsvrij water; tropische soorten vorstvrij bij >10 °C; droog en goed geventileerd verblijf voorkomt poot- en verenproblemen.
- Sociaal: leven in paren of kleine groepen; tijdens broedseizoen territoriaal – voldoende ruimte vereist; buiten kweekperiode groepshuisvesting mogelijk bij rust en ruimte.
- Voeding: insecten, wormen, kreeftachtigen en watervogelpellets; levend voer (meelwormen, krekels, muggenlarven) stimuleert foerageergedrag; tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd schoon zwem- en drinkwater.
- Overig: waterkwaliteit en bodemhygiëne waarborgen door regelmatige verversing; zachte, goed gedraineerde bodem voorkomt pootproblemen; obstakelvrije inrichting voorkomt verwondingen.
Man:
De man heeft een opvallend zwart-wit verenkleed met een glanzende groene tint op de vleugels. De kop is voornamelijk zwart met een witte streep boven de ogen. De borst is zwart, scherp contrasterend met de witte buik. De rug en schouders zijn donkergrijs met een subtiele metaalachtige glans. De snavel is kort en zwart, met een lichte kromming aan het uiteinde. De poten zijn lang en slank, met een grijze tot zwarte kleur. De ogen hebben een donkere iris met een smalle, witte oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een minder contrasterend verenkleed dan de man, met meer bruine tinten. De kop is grijsbruin met een vage witte streep boven de ogen. De borst is lichtgrijs, geleidelijk overgaand in de witte buik. De rug en schouders zijn bruingrijs met een matte afwerking. De snavel is dunner en iets lichter van kleur dan die van de man. De poten zijn korter en hebben een meer bruine tint. De ogen hebben een lichtbruine iris met een onopvallende oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruin verenkleed met lichte vlekken op de vleugels en rug. De kop is lichtbruin met een onduidelijke witte streep boven de ogen. De borst is vaalbruin, vervagend naar een vuilwitte buik. De rug en schouders zijn bedekt met bruine veren met lichte randen. De snavel is kort en donkergrijs, met een rechte vorm. De poten zijn kort en hebben een geelbruine kleur. De ogen hebben een grijze iris zonder duidelijke oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een donzig, geelbruin verenkleed met donkere vlekken. De poten zijn kort en lichtgeel van kleur.