Kaukasisch korhoen

Lyrurus mlokosiewiczi

Log in om deze soort toe te voegen

De Kaukasisch korhoen behoort tot het geslacht Lyrurus binnen de familie van Ruigpoothoenders (Phasianidae).

Deze vogel is een typische bergbewoner die voorkomt in de Kaukasus en het Pontisch Gebergte. Hij leeft vooral op steile, open hellingen met lage vegetatie en rotsen, vaak in de buurt van uitgestrekte bossen. De vogel is bekend om zijn opvallende baltsgedrag: in mei en juni verzamelen de mannetjes zich op vaste plekken, waar ze met springende bewegingen en karakteristieke geluiden de aandacht van de vrouwtjes proberen te trekken. Het vrouwtje legt ongeveer tien eieren in een nest op de grond en zorgt alleen voor de jongen. De soort is gevoelig voor uitsterven door habitatverlies en verstoring.

Kaukasisch korhoen
Caucasian Grouse
Kaukasusbirkhuhn
T�tras du Caucase

Taxonomische indeling

Bird Order
Hoenderachtigen (Galliformes)
Bird Family
Fazantachtigen (Phasianidae)
Bird Genus
Lyrurus

Ringmaat

Man 12.0 mm Vrouw 12.0 mm

Welzijnsadviezen

Ruigpoothoenders

Ruigpoothoenders, waaronder korhoenders, hazelhoenders en sneeuwhoenders, zijn vogels uit koelere streken die zich goed aanpassen aan bosrijke of bergachtige gebieden. In de avicultuur vragen ze om rustige, ruime volières met natuurlijke begroeiing, schaduw en beschutting. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: ruime volière (30–50 m² per paar, ≥ 2,5 m hoog) met zand-, aarde- of grasbodem; afwisseling van open zones en beplanting (struiken, varens, coniferen) voor beschutting; droog nacht- of rusthok (3–5 m² per paar) bij slecht weer of kou.
  • Klimaat: koudetolerant; jaarrond buiten te houden mits droog en tochtvrij; natte omstandigheden vermijden; in warme klimaten schaduw en ventilatie voorzien.
  • Sociaal: leven in paren of kleine groepen; tijdens broedperiode territoriale hanen – aparte verblijven aanbevolen; rustige omgeving bevordert natuurlijk gedrag.
  • Voeding: fazanten- of hoendervoer aangevuld met zaden, bessen, knoppen en bladgroen; in kweek extra insecten of meelwormen; grit en maagkiezel altijd beschikbaar; dagelijks vers water.
  • Overig: regelmatig schoonmaken van verblijven om parasieten en schimmel te voorkomen; natuurlijke beplanting bevordert welzijn; harde geluiden en plotselinge verstoringen vermijden.
Huisvestingsrichtlijnen Ruigpoothoenders

Man:
De man heeft een glanzend zwart verenkleed met een groene metaalachtige glans op de borst en nek. De vleugels zijn donker met een subtiele paarse tint, terwijl de dekveren een lichte rand hebben. De staart is opvallend met een diepzwarte kleur en een lichte kromming. De kop is zwart met een contrasterende rode oogring en een korte, zwarte snavel. De poten zijn donkergrijs met een robuuste structuur. In de winter kan de glans iets doffer worden, maar de kleur blijft intens. De iris is donkerbruin, wat een scherp contrast vormt met de rode oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een overwegend bruin verenkleed met een fijne bandering op de borst en flanken. De vleugels zijn donkerbruin met lichtere randen, wat een versleten indruk kan geven. De staart is korter en minder opvallend dan die van de man, met een subtiele bandering. De kop is bruin met een lichte streep boven het oog en een onopvallende oogring. De snavel is kort en donkergrijs, passend bij de pootkleur. De iris is donkerbruin, zonder de opvallende rode oogring van de man. In de winter blijft het verenkleed consistent qua kleur en patroon.

Juveniel:
Juvenielen hebben een bruin verenkleed met een lichtere bandering dan de volwassen vrouw. De vleugels zijn donkerbruin met een lichte rand, vergelijkbaar met de vrouw. De staart is kort en heeft een subtiele bandering, minder uitgesproken dan bij volwassenen. De kop is bruin met een lichte streep boven het oog, vergelijkbaar met de vrouw. De snavel is kort en donkergrijs, passend bij de pootkleur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen ze meer volwassen kenmerken.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een zacht, donzig verenkleed dat voornamelijk bruin is. Ze hebben een lichte streep boven het oog en een donkere snavel.