Koolmees

Parus major

Log in om deze soort toe te voegen

De Koolmees behoort tot het geslacht Parus binnen de familie van Mezen (Paridae).

De koolmees is een veelvoorkomende en herkenbare zangvogel die in grote delen van Europa, waaronder Nederland en Belgi�, voorkomt. Deze vogel leeft in diverse habitats, van bossen en parken tot tuinen en boomgaarden, en is het hele jaar door aanwezig. Koolmezen zijn meestal standvogels, maar soms verschuiven groepen zich afhankelijk van het voedselaanbod. Ze zijn territoriaal en verdedigen hun gebied krachtig tegen soortgenoten. De koolmees voedt zich met zaden, insecten en soms ook kleine vruchten, en is vaak te zien in levendige, luide groepen. Door het ophangen van nestkasten is de soort ook in stedelijke gebieden goed vertegenwoordigd.

Koolmees
Great Tit
Kohlmeise
M�sange charbonni�re

Taxonomische indeling

Bird Order
Zangvogels (Passeriformes)
Bird Family
Mezen (Paridae)
Bird Genus
Parus

Ringmaat

Man 2.7 mm Vrouw 2.7 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Europese soort (EG richtlijn)

Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.

De belangrijkste vereisten zijn:

  • Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
  • Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
  • Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
  • Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.

Man:
De man heeft een glanzend zwarte kop met een opvallende witte wangvlek. De borst is helder geel met een brede, zwarte middenstreep die doorloopt tot aan de buik. De rug is olijfgroen, terwijl de vleugels donkergrijs zijn met witte vleugelstrepen. De staart is zwart met witte buitenste staartpennen. De snavel is kort en zwart, passend bij de zwarte poten. De ogen zijn donker met een subtiele, lichte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een doffere zwarte kop en minder contrasterende witte wangvlekken. De borst is lichtgeel met een smallere, minder uitgesproken zwarte middenstreep. De rug is grijsgroen, en de vleugels zijn donkergrijs met minder opvallende witte strepen. De staart is vergelijkbaar met die van de man, maar iets minder contrastrijk. De snavel is zwart, maar iets fijner van vorm. De poten zijn donkergrijs en de ogen hebben een lichte oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een doffe, bruingrijze kop met vaag afgetekende wangvlekken. De borst is bleekgeel met een dunne, onduidelijke zwarte streep. De rug is grijsgroen, en de vleugels zijn donkergrijs met nauwelijks zichtbare witte strepen. De staart is donkergrijs met minder uitgesproken witte randen. De snavel is grijszwart en iets kleiner dan bij volwassenen. De poten zijn lichtgrijs en de ogen zijn donker zonder duidelijke oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijsachtige donslaag. De snavel is geelachtig met een zachte structuur.