Vogel
Koperwiek
Koperwiek
Turdus iliacus
Log in om deze soort toe te voegenDe Koperwiek behoort tot het geslacht Turdus binnen de familie van Lijsters (Turdidae).
De koperwiek is een kleine lijster uit de familie Turdidae, herkenbaar aan zijn opvallende wenkbrauwstreep en roestbruin-oranje flanken en oksels. Deze vogel broedt in de naaldbos- en berkenbossen van Noord- en Oost-Europa tot centraal Siberi�, en het noorden van IJsland. In de herfst en winter trekt hij 's nachts in grote groepen naar zuidelijker gebieden in Europa, Noord-Afrika en Zuidwest-Azi�. In Nederland is de koperwiek een doortrekker en wintergast die vooral van september tot mei voorkomt. Hij foerageert graag in besdragende struiken in parken en tuinen, maar ook op de grond in weilanden en langs bosranden. Tijdens strenge winters verlaat hij Nederland en trekt verder naar het zuiden of zoekt warmere gebieden in de stad op.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Lijsters (Turdidae)
- Bird Genus
- Turdus
Ringmaat
Man 4.0 mm Vrouw 4.0 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (Europese Vogelrichtlijn)
Deze vogel is inheems binnen de Europese Unie (EU) en behoort tot een beschermde soort onder de Europese Vogelrichtlijn.
Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden, gekweekt en verhandeld. De houder dient zelf aan te tonen dat de vogel legaal is gekweekt en verkregen.
De belangrijkste voorwaarden voor het mogen houden van deze vogels zijn:
- De vogel is voorzien van een naadloos gesloten pootring van de juiste ringmaat, welke is verkregen via de daartoe bevoegde organisaties (zoals Aviornis International Nederland).
- Andere bewijsstukken (zoals een herkomstverklaring) kunnen bijdragen aan de aantoonbaarheid van legale herkomst.
Verder lezen? Word lid van Aviornis
Man:
De man heeft een overwegend bruin verenkleed met een warme roodachtige tint op de flanken. De borst is licht gestreept met een duidelijke witte keelvlek. De vleugels zijn donkerder met een subtiele glans en lichte randen aan de dekveren. De kop is donkerbruin met een opvallende lichte wenkbrauwstreep. De snavel is slank en geelachtig met een donkere punt. De poten zijn donkerbruin en slank, wat bijdraagt aan een elegante uitstraling. De ogen hebben een donkere iris met een onopvallende oogring.
Vrouw:
De vrouw lijkt sterk op de man, maar heeft een iets doffer verenkleed. De roodachtige tint op de flanken is minder uitgesproken. De borststrepen zijn subtieler en de keelvlek is minder prominent. De vleugels hebben dezelfde donkere tint, maar de glans is minder opvallend. De lichte wenkbrauwstreep is aanwezig, maar minder contrasterend. De snavel is vergelijkbaar in vorm en kleur, maar iets minder helder. De poten zijn donkerbruin, net als bij de man.
Juveniel:
Juvenielen hebben een meer gevlekt verenkleed met een mix van bruine en beige tinten. De borst is zwaar gestreept en de flanken zijn minder roodachtig dan bij volwassenen. De vleugels zijn dofbruin met lichte randen die minder uitgesproken zijn. De kop heeft een minder duidelijke wenkbrauwstreep en een vage keelvlek. De snavel is korter en donkerder, zonder de gele tint van volwassenen. De poten zijn lichter bruin en minder robuust. De ogen hebben een donkere iris zonder opvallende oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een donzig, grijsbruin verenkleed zonder duidelijke tekening. De snavel is kort en geelachtig met een donkere punt.