Vogel
Merel
Merel
Turdus merula
Log in om deze soort toe te voegenDe Merel behoort tot het geslacht Turdus binnen de familie van Lijsters (Turdidae).
Deze vogel komt veel voor in Europa, Noord-Afrika en delen van Azi� en is vooral te vinden in parken, tuinen, bossen en struweel waar voldoende dekking is. Hij is een standvogel die zich met zijn luide zang en territoriaal gedrag gemakkelijk toont. Het dieet bestaat uit insecten, regenwormen en bessen, waarmee hij een belangrijke rol speelt in het ecosysteem.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Lijsters (Turdidae)
- Bird Genus
- Turdus
Ringmaat
Man 4.5 mm Vrouw 4.5 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Wetgeving(en)
Europese soort (EG richtlijn)
Deze vogel behoort tot een beschermde Europese soort onder de Vogelrichtlijn. Dit betekent dat het verboden is om exemplaren uit de natuur te vangen, te verstoren of te houden. Alleen vogels die aantoonbaar in gevangenschap zijn gekweekt mogen in avicultuur worden gehouden. Voor deze vogels is het noodzakelijk dat er geldge herkomstbewijzen of kweekverklaringen aanwezig zijn, zodat altijd kan worden aangetoond dat de vogel legaal is verkregen.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Verbod op het vangen en houden van inheemse wilde vogels.
- Alleen aantoonbaar gekweekte vogels mogen worden gehouden.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd met bewijsstukken (bijv. kweekverklaring) kunnen worden aangetoond.
Man:
De man heeft een diepzwarte, glanzende verenkleed dat uniform over het lichaam verspreid is. De snavel is opvallend oranjegeel en contrasteert sterk met de donkere kop. De oogring is eveneens oranjegeel, wat de expressie van de vogel versterkt. De poten zijn donkerbruin tot zwart, met een gladde structuur. De veren op de vleugels en staart zijn egaal zwart zonder zichtbare randen. In de winter kan de glans iets afnemen, maar blijft overwegend aanwezig. De kop en nek zijn naadloos in kleur met de rest van het lichaam.
Vrouw:
De vrouw heeft een donkerbruin verenkleed met een lichtere, meer matte uitstraling dan de man. De borst en buik zijn vaak iets lichter met een subtiele vlekkerigheid. De snavel is donkerbruin tot zwart, minder opvallend dan bij de man. De oogring is minder uitgesproken en vaak bruinachtig. De poten zijn bruin en hebben een iets ruwere textuur. De vleugels en staart zijn donkerbruin met soms lichte randen. De kop en nek zijn gelijkmatig bruin, zonder duidelijke contrasten.
Juveniel:
Juvenielen hebben een bruin verenkleed met een meer gevlekte borst en buik. De veren zijn vaak versleten en hebben lichtere randen, vooral op de vleugels. De snavel is donkerbruin en minder robuust dan bij volwassen vogels. De oogring is vaag en bruinachtig, nauwelijks zichtbaar. De poten zijn lichtbruin en hebben een gladde structuur. De kop en nek zijn gelijkmatig bruin, met een iets lichtere tint dan de rest van het lichaam. Naarmate ze ouder worden, beginnen ze meer op de volwassen vogels te lijken.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, donzige bruine laag. Hun snavel is klein en lichtgekleurd.