Molukkenkoekoek

Cacomantis aeruginosus heinrichi

Log in om deze soort toe te voegen

De Molukkenkoekoek behoort tot het geslacht Cacomantis binnen de familie van Koekoeken (Cuculidae).

Deze vogelsoort komt voor op de Molukken en is gespot in subtropische en tropische vochtige laagland- en bergbossen, waar hij afhankelijk is van een dicht bosklimaat. Hij wordt bedreigd door habitatverlies, vooral vanwege ontbossing. Over zijn ecologie en gedrag is weinig bekend, maar hij vertoont kenmerken van andere koekoeken zoals schuwheid en een verborgen leefwijze, waarbij hij zijn aanwezigheid vaak verraadt door een kenmerkende roep.

Molukkenkoekoek
Moluccan Cuckoo (heinrichi)
0
Coucou de Heinrich

Taxonomische indeling

Bird Order
Koekoekachtigen (Cuculiformes)
Bird Family
Koekoeken (Cuculidae)
Bird Genus
Cacomantis

Ringmaat

Voor deze vogel is geen pootringmaat bekend, omdat de soort niet in de ringenlijst voorkomt. Dit kan komen doordat de vogel weinig of niet in de avicultuur wordt gehouden, of doordat er nog geen ervaring is met het ringen van deze soort.
Man 0.0 mm Vrouw 0.0 mm

Welzijnsadviezen

Koekoeken

Koekoeken zijn middelgrote insectivore vogels die voorkomen in tropische en gematigde regio’s. Veel soorten staan bekend om hun broedparasitisme, terwijl andere eigen nesten bouwen in dichte vegetatie. In de avicultuur vragen Koekoeken om ruime, beplante verblijven met schaduw, natuurlijke insectenvoeding en rust. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.

  • Huisvesting: buitenverblijf met struiken en open zones (25–40 m² per koppel); zitstokken op verschillende hoogtes; binnenverblijf ± 2–3 m² per vogel, licht, droog en goed geventileerd.
  • Klimaat: tropisch tot gematigd; temperatuur 18–28 °C; bij < 15 °C verwarmd binnenhok; luchtvochtigheid 60–80%; bescherming tegen regen en wind.
  • Sociaal: solitair of per koppel; tijdens broedperiode territoriaal; rustige, beschutte omgeving vermindert stress.
  • Voeding: insecten, rupsen, wormen, krekels en larven; insectenvoer en meelwormen; aanvullen met zacht fruit; altijd schoon drinkwater aanwezig.
  • Overig: dichte beplanting voor schuilgedrag; nestvoorziening afhankelijk van soort; dagelijkse hygiëne en natuurlijke lichtcyclus belangrijk voor welzijn.
Huisvestingsrichtlijnen Koekoeken

Man:
De man heeft een overwegend roestbruine kleur met een subtiele groene glans op de vleugels. De kop is iets donkerder dan de nek, met een lichte grijsachtige tint. De borst en buik zijn egaal van kleur, zonder opvallende markeringen. De vleugeldekveren vertonen een lichte rand, wat een versleten indruk kan geven. De snavel is kort en zwart, met een lichte kromming aan de punt. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De iris is helder oranje, wat contrasteert met de donkere oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een doffer verenkleed met een meer bruine dan roestkleurige tint. De kop en nek zijn gelijkmatig van kleur, zonder de groene glans van de man. De borst heeft een lichte bandering, die naar de buik toe vervaagt. De vleugels zijn iets lichter dan de rest van het lichaam, met een matte afwerking. De snavel is iets lichter van kleur, met een grijsachtige basis. De poten zijn lichtgrijs en hebben een iets ruwere textuur. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een meer gevlekt verenkleed, met een mix van bruine en beige tinten. De kop is lichter dan de rest van het lichaam, met een vage streep over de ogen. De borst en buik zijn bedekt met onregelmatige vlekken, die naar de flanken toe donkerder worden. De vleugels hebben een versleten uiterlijk, met lichte randen aan de veren. De snavel is grijs met een gele basis, wat een onvolwassen indruk geeft. De poten zijn lichtbruin en hebben een gladde structuur. De iris is grijsachtig, met een onopvallende oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, lichtbruine veren. De snavel is geelachtig en nog zacht.