Mozambiquesijs

Crithagra mozambica

Log in om deze soort toe te voegen

De Mozambiquesijs behoort tot het geslacht Crithagra binnen de familie van Vinkachtigen (Fringillidae).

Deze kleine zangvogel komt voor in diverse gebieden van Afrika, van open savannes en struikland tot tuinen, parken en landbouwgebieden. De vogel is goed herkenbaar aan zijn opvallende koptekening en korte staart. Hij leeft vaak in groepen en is nomadisch, op zoek naar voedsel buiten de broedtijd. Tijdens het broedseizoen is hij territoriaal en voert hij snelle, directe vluchten uit, vaak vergezeld van fluitende en tjilpende geluiden. Het gedrag is levendig en het repertoire aan geluiden is uitgebreid, afhankelijk van de situatie en omgeving.

Mozambiquesijs
Yellow-fronted Canary
Mozambiquesijs
Serin du Mozambique

Taxonomische indeling

Bird Order
Zangvogels (Passeriformes)
Bird Family
Vinkachtigen (Fringillidae)
Bird Genus
Crithagra

Ringmaat

Man 2.5 mm Vrouw 2.5 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Man:
De man heeft een helder gele borst en buik, met een olijfgroene rug en vleugels. De kop is opvallend geel met een donkere, olijfkleurige kruin. De vleugels en staart zijn donkerder, met lichte randen die een versleten uiterlijk kunnen krijgen. De snavel is kegelvormig en grijs van kleur, met een lichte wasachtige basis. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De iris is donkerbruin, omringd door een subtiele, lichte oogring. In het broedseizoen kan de gele kleur intenser worden.

Vrouw:
De vrouw heeft een minder opvallend verenkleed, met een doffere gele borst en buik. De rug en vleugels zijn olijfbruin, met minder contrast dan bij de man. De kop is minder felgeel, met een meer uniforme olijfbruine tint. De snavel is vergelijkbaar met die van de man, maar iets lichter van kleur. De poten zijn eveneens donkergrijs, met een vergelijkbare structuur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring. Tijdens het broedseizoen blijft de kleur relatief constant.

Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend bruin verenkleed met een gelige ondertoon op de borst. De rug en vleugels zijn olijfbruin, met lichte randen die een versleten uiterlijk kunnen krijgen. De kop is minder uitgesproken, met een vaag geelachtige tint. De snavel is lichter en minder robuust dan bij volwassen vogels. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen ze meer volwassen kleuren.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne, grijze donslaag. De snavel is klein en lichtgekleurd.