Vogel
Noord-Afrikaanse tortel
Noord-Afrikaanse tortel
Streptopelia roseogrisea domestica
Log in om deze soort toe te voegenDe Noord-Afrikaanse tortel behoort tot het geslacht Streptopelia uit de familie van duiven (Columbidae)
.
Deze siervogel, bekend als lachduif, is de gedomesticeerde vorm van een Afrikaanse tortelsoort. Oorspronkelijk komt deze duif uit noordelijk Afrika, waar hij vooral in droge gebieden op savannes en aan de rand van de Sahara leeft. In het wild leeft hij vaak dicht bij menselijke nederzettingen, maar als siervogel wordt hij wereldwijd in voliëres gehouden. Het is een sociale, rustige vogel die vooral leeft van zaden en niet territoriaal is, al kunnen de mannetjes tijdens de broedperiode iets agressiever worden. Lachduiven mogen graag vliegen en zijn daarom gebaat bij een voliëre die langer dan hoog is.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Duiven (Columbiformes)
- Bird Family
- Duiven (Columbidae)
- Bird Genus
- Streptopelia
Ringmaat
Man 5.5 mm Vrouw 5.5 mmWelzijnsadviezen
Duiven
Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag. De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.
- Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
- Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
- Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
- Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
- Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Man:
Het mannetje is een kleine tortelduif van circa 25-27 cm lengte. Het verenkleed is overwegend zandkleurig tot licht rozenbeige, ideaal voor camouflage in droge, woestijnachtige gebieden. De kop en nek zijn lichter beigegrijs, de borst heeft een zachte roze zweem, en de buik is vuilwit. Op de zijkant van de nek bevindt zich de karakteristieke zwarte halsband, smal en scherp afgetekend. De vleugels zijn zandkleurig met donkerdere handpennen. De staart is lang, grijsbruin met een brede witte eindband die in vlucht duidelijk zichtbaar is. De snavel is kort en zwart. De iris is roodbruin, omgeven door een smalle grijsblauwe oogring. De poten zijn rood tot purperrood.
Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje, maar is gemiddeld iets kleiner en matter van kleur. De roze zweem op de borst is minder uitgesproken en de zwarte nekband soms iets smaller.
Juveniel:
Juvenielen zijn valer en grijzer van tint, zonder de uitgesproken roze borstzweem. De nekband is vaak nog vaag of ontbreekt volledig. De mantel- en vleugelveren hebben bredere lichte randen, wat een geschubd patroon geeft. De iris is donkerbruin, de oogring onopvallend en de poten zijn valer rood.
Kuiken:
Kuikens zijn nestblijvers, geboren met dun, grijsvuil dons. De snavel is kort en donkergrijs, de poten vleeskleurig en de ogen gesloten bij geboorte. De kenmerkende nekband ontwikkelt zich pas in de eerste jeugdrui.