Vogel
Philby steenpatrijs
Philby steenpatrijs
Alectoris philbyi
Log in om deze soort toe te voegenDe Philby steenpatrijs (synoniem: Philbypatrijs) behoort tot het geslacht Alectoris binnen de familie van Hoenderachtigen (Phasianidae).
De Philby's steenpatrijs is een vogel uit de familie fazantachtigen, die in het zuidwesten van het Arabisch Schiereiland voorkomt, met name in zuidwestelijk Saudi-Arabi� en noordelijk Jemen. Deze vogel bewoont rotsachtige hellingen en schaars begroeide gebieden, typisch tussen 1.400 en 2.700 meter boven zeeniveau. Haar gedrag is aangepast aan deze aride omgevingen, waar ze zich voedt met planten en eventueel insecten.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Hoenderachtigen (Galliformes)
- Bird Family
- Fazantachtigen (Phasianidae)
- Bird Genus
- Alectoris
Ringmaat
Man 9.0 mm Vrouw 9.0 mmWelzijnsadviezen
Hoenderachtigen
Hoenderachtigen omvatten een brede groep vogels zoals fazanten, pauwen, korhoenders, kwartels en patrijzen. Deze vogels worden in de avicultuur gehouden vanwege hun sierwaarde en gedragsrijkdom. Voor het welzijn van hoenderachtigen is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag. De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.
- Huisvesting: ruime volière (15–25 m² per koppel, 2–2,5 m hoog) met gras, struiken of lage vegetatie; zitstokken of takken voorzien; droog, tochtvrij binnenverblijf bij kou of regen.
- Klimaat: de meeste soorten winterhard; bescherming tegen regen, wind en vorst; tropische soorten vorstvrij bij >10 °C; schaduw nodig in de zomer.
- Sociaal: houden volgens soortspecifieke structuur – kwartels/patrijzen in paren of groepen, fazanten in harems, pauwen in groepen met afstand tussen hanen; tijdens broedperiode apart huisvesten.
- Voeding: volledig pluimvee- of fazantenvoer, aangevuld met zaden, granen, groenvoer, fruit en insecten; tijdens kweek extra dierlijk eiwit; altijd vers water en grit.
- Overig: droge, goed gedraineerde bodem; visuele afscheiding tussen hanen; overbezetting vermijden om stress en verenpluk te voorkomen.
Man:
Het mannetje is een middelgrote bergpatrijs van circa 32�35 cm lengte. De kop is grijs met een brede witte wenkbrauwstreep en een duidelijke zwarte oogstreep die doorloopt naar de nek, waar hij een brede zwarte keelband vormt. De keel is wit, scherp afgegrensd door deze zwarte band. De borst is lichtgrijs, de buik vuilwit tot beige. De flanken zijn opvallend gebandeerd met brede kastanjebruine en zwarte strepen, afgewisseld met lichtere zones. De rug en vleugels zijn warm bruin tot grijsbruin, de staart is kort en kastanjebruin. De snavel is fel rood, de poten zijn rood met sporen, en de iris is donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje is iets kleiner en doffer van tint. De zwarte keelband is vaak smaller en minder scherp afgelijnd, en de koptekening minder contrastrijk. De borst en flanken zijn lichter, en de banden minder intens van kleur. De snavel en poten zijn rood maar vaak iets valer, de iris bruin.
Juveniel:
Juvenielen zijn egaler zand- tot bruingrijs en missen de uitgesproken koptekening en keelband. De borst en buik zijn lichtbruin tot beige met enkele donkere stippen, en de flanken zijn slechts subtiel gestreept. De snavel is donkergrijs, de poten vleeskleurig tot bleek oranje en de iris zeer donker. Pas na de eerste rui verschijnen de contrasterende koptekening en de opvallende flankbandering.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met geelbruin dons met brede donkere lengtestrepen over rug en kop, een uitstekend camouflagepatroon voor rotsachtige hellingen en struikgebieden. De onderzijde is bleekgeel tot cr�me. De snavel is klein en donkergrijs, de poten vleeskleurig en de iris zwartbruin. Het geslachtsverschil wordt pas zichtbaar na de eerste rui.