Pruimkopparkiet

Psittacula cyanocephala

Log in om deze soort toe te voegen

De Pruimkopparkiet behoort tot het geslacht Psittacula binnen de familie van Papegaaien (Psittaculidae).

Deze kleurrijke parkiet komt voor van de uitlopers van de Himalaya tot Sri Lanka, in bossen en open gebieden, vaak ook in stadstuinen. Ze leven in kleine groepen, zijn sociaal en vertonen speels en luidruchtig gedrag, waarbij ze zich voeden met zaden, fruit en bloesems.

Pruimkopparkiet
Plum-headed Parakeet
Halsbandsittich
Perruche � t�te prune

Taxonomische indeling

Bird Order
Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
Bird Family
Papegaaien van de Oude Wereld (Psittaculidae)
Bird Genus
Psittacula

Ringmaat

Man 5.5 mm Vrouw 5.5 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogelsoort wordt wereldwijd beschouwd als een (bijna) bedreigde soort in het oorspronkelijke leefgebied, of de handel in deze soort kan hiertoe leiden. 
Deze soort staat daarom op Bijlage B van de Europese Verordening en CITES appendix II. 

Binnen de avicultuur (in volière-milieu) mag deze soort alleen worden gehouden, gefokt of verhandeld als de legale herkomst kan worden aangetoond. De lidstaten aangesloten bij het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna) hebben internationale regels opgesteld die het houden, fokken en verhandelen van deze dieren onder strikte voorwaarden mogelijk maakt. 

In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De houder de dient legale herkomst van de vogel aan te tonen:

  • De vogel is voorzien van een uniek merkteken. In het geval van vogels is dit een naadloos gesloten pootring die bij een volwassen vogel niet meer van de poot kan worden verwijderd.
  • Bij elke overdracht dient een herkomstverklaring/ overdrachtsverklaring te worden opgemaakt en ondertekend door de afgevende en ontvangende partij.
  • Let op: bij controle dienen ook gegevens van de ouderdieren én grootouderdieren getoond te kunnen worden.  

Ingelogd als lid? Klik op het > symbool achter de wetgevingnaam voor de volledige tekst. Nog geen lid en benieuwd naar het volledige artikel en meer? Word dan lid van Aviornis!

Man:
De man heeft een opvallende blauwgrijze kop met een subtiele paarse tint. De nek is omzoomd met een smalle zwarte band die scherp contrasteert met de groene borst. De vleugels zijn helder groen met een lichte glans, terwijl de schouderveren een diepere groene tint hebben. De buik is lichtgroen en gaat over in een gele onderbuik. De snavel is rood met een gele punt, wat een levendig contrast biedt. De poten zijn grijsachtig met een gladde textuur, en de iris is oranje met een dunne witte oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een minder uitgesproken blauwgrijze kop, met een meer matte uitstraling. De nekband is minder prominent en soms nauwelijks zichtbaar. De borst en buik zijn uniform groen zonder de gele onderbuik van de man. De vleugels zijn eveneens groen, maar met een iets doffere tint. De snavel is geheel zwart, wat minder opvallend is dan bij de man. De poten zijn grijs en de iris is lichtbruin met een subtiele oogring. De algehele verschijning is minder contrastrijk dan die van de man.

Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend groen verenkleed met een vaag blauwachtige tint op de kop. De nekband ontbreekt of is zeer vaag aanwezig. De borst en buik zijn egaal groen zonder de volwassen kleurovergangen. De vleugels zijn dof groen met een matte afwerking. De snavel is aanvankelijk oranjeachtig en wordt geleidelijk donkerder. De poten zijn lichtgrijs en de iris is donkerbruin zonder duidelijke oogring. De algehele verschijning is minder levendig dan bij volwassen vogels.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, geelachtige veren. De snavel is lichtgekleurd en nog niet volledig ontwikkeld.