Vogel
Rode ibis
Rode ibis
Eudocimus ruber
Log in om deze soort toe te voegenDe Rode ibis behoort tot het geslacht Eudocimus uit de familie van Ibissen en lepelaars (Threskiornithidae).
Deze felrode waadvogel komt voor langs de kusten en in moerassige gebieden van Noordelijk Zuid-Amerika, van Venezuela tot Brazilië. Ze leven vooral in mangroves, moddervlakten en ondiepe baaien waar ze met hun lange, gebogen snavel zoeken naar schaaldieren, vis en insecten. Ze zijn sociaal en vormen vaak grote kolonies tijdens de broedtijd.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Pelikanen, Reigerachtigen, Ibissen en Lepelaars (Pelecaniformes)
- Bird Family
- Ibissen en lepelaars (Threskiornithidae)
- Bird Genus
- Eudocimus
Ringmaat
Man 12.0 mm Vrouw 12.0 mmWelzijnsadviezen
Ibissen en lepelaars
In de avicultuur vraagt deze soort om een ruime volière met waterpartijen, veilige broedgelegenheden en een gevarieerd dieet.
De volgende punten kunnen als aanbevolen richtlijn worden gebruikt:
- Huisvesting: ruime volière (ca. 20–30 m² per paar, ± 3 m hoog) met vijver of waterpartij en beplanting; nestplatforms of takkenbossen voor broed.
- Klimaat: gematigde soorten buiten met beschutting; tropische soorten vorstvrij (ca. 10 °C of warmer).
- Sociaal: groeps- of koloniehuisvesting aanbevolen; in broedseizoen voldoende ruimte en nestplekken om agressie te beperken.
- Voeding: watervogelpellets aangevuld met vis, weekdieren, garnalen, insecten; eventueel plantaardig materiaal.
- Water & hygiëne: altijd vers drink- en badwater; vijvers regelmatig verversen of doorstromen.
Wetgeving(en)
EU verordening bijlage B (CITES appendix II)
Deze vogel valt onder bijlage B en wordt niet als direct bedreigd beschouwd, maar staat wel onder bescherming om te voorkomen dat handel de populaties schaadt. In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.
De belangrijkste vereisten zijn:
- Mag in avicultuur worden gehouden en gekweekt.
- Handel en overdracht alleen toegestaan met overdrachtsverklaring of registratie.
- Voorzien van een gesloten pootring of een microchip
- Legale herkomst moet altijd aantoonbaar zijn.
- Minder streng dan bijlage A, maar wel documentatieplicht.
Man:
Het mannetje heeft een fel rood verenkleed over het gehele lichaam, inclusief kop, nek, borst, rug, vleugels en staart. De snavel is lang, dun en lichtrood tot oranje, licht naar beneden gebogen voor het scheppen van ongewervelden uit modder en water. De poten zijn lang en rood, geschikt om te waden in ondiep water. De iris is roodbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont dezelfde felrode kleur. Ze is meestal iets kleiner en de snavel kan iets korter of dunner zijn. De poten en iris zijn identiek aan die van het mannetje.
Juveniel:
Jonge vogels hebben een matter verenkleed dat oranje tot rozeachtig van kleur is. De snavel is bleekrood en minder gebogen. De poten zijn lichter rood en de iris donkerbruin.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsbruin tot beige dons met lichte vlekken. De snavel is kort, grijs en recht. De poten zijn grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel en poten hun rode kleur en verandert het dons in het volwassen felrode verenkleed.