Vogel
Roodbekwever
Roodbekwever
Quelea quelea
Log in om deze soort toe te voegenDe Roodbekwever behoort tot het geslacht Quelea binnen de familie van Wevers (Ploceidae).
Deze kleine, kortstaartige webervogel komt voor in Afrika ten zuiden van de Sahara en bewoont vooral savannes, steppen, landbouwgebieden en vochtige graslanden. De vogel leeft in enorme zwermen, die vaak grote schade aan landbouwgewassen kunnen aanrichten. Hij is sterk aangepast aan het eten van zaden van eenjarige grassen en trekt regelmatig op zoek naar voedsel en water. Tijdens de broedperiode vormt hij grote kolonies, waarin duizenden paren broeden. Het gedrag is sterk sociaal, met geco�rdineerde bewegingen binnen de zwermen en intensieve communicatie over voedsellocaties.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Zangvogels (Passeriformes)
- Bird Family
- Wevers en verwanten (Ploceidae)
- Bird Genus
- Quelea
Ringmaat
Man 3.2 mm Vrouw 3.2 mmWelzijnsadviezen
Overige vogels
De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.
Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.
Man:
De man heeft een opvallend rood gezichtsmasker met een zwarte rand. Zijn borst is lichtgeel met een subtiele glans. De rug en vleugels zijn bruin met donkere strepen. De buik is witachtig en contrasteert met de rest van het lichaam. De snavel is kegelvormig en helder rood. De poten zijn lichtroze en glad. De iris is donkerbruin, zonder opvallende oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een minder opvallend verenkleed dan de man. Haar gezicht is grijsbruin zonder masker. De borst is lichtbruin met een matte afwerking. De rug en vleugels zijn bruin met lichtere randen. De buik is cr�mekleurig en minder contrasterend. De snavel is lichtbruin en slanker dan die van de man. De poten zijn grijsachtig en fijn van structuur. De iris is donkerbruin, zonder duidelijke oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een uniform bruin verenkleed met lichtere randen. Hun borst is vaalbruin en mat. De rug en vleugels zijn donkerder met subtiele strepen. De buik is lichtbruin en minder opvallend. De snavel is geelachtig en nog niet volledig ontwikkeld. De poten zijn bleek en glad. De iris is donkerbruin, zonder zichtbare oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag grijs dons. Hun snavel is geelachtig en zacht.