Vogel
Sumatraanse kikkerbek
Sumatraanse kikkerbek
Batrachostomus poliolophus
Log in om deze soort toe te voegenDe Sumatraanse kikkerbek behoort tot het geslacht Batrachostomus binnen de familie van Uilnachtzwaluwen, Kikkerbekken (Podargidae).
Deze nachtvogel komt voor in de Barisan-bergen op Sumatra en leeft in laagland- tot bergbossen tussen 600 en 1200 meter hoogte. Met een korte staart en een groot, gekromd snavel jaagt hij vooral op insecten. Zijn verborgen levenswijze maakt hem zelden zichtbaar in zijn bosrijke habitat.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Kikkerbekken (Podargiformes)
- Bird Family
- Kikkerbekken (Podargidae)
- Bird Genus
- Batrachostomus
Ringmaat
Welzijnsadviezen
Uilnachtzwaluwen en Kikkerbekken
Uilnachtzwaluwen, ook wel Kikkerbekken genoemd, zijn nachtactieve insecteneters die overdag onbeweeglijk rusten op takken, volledig vertrouwend op hun camouflage. Ze leven in bossen en open woodlandgebieden en zijn zeer gevoelig voor verstoring. In de avicultuur vragen zij om rustige, hoog ingerichte verblijven met natuurlijke rustplaatsen en een strikt nachtgericht verzorgingsregime. De volgende welzijnsadviezen zijn gebaseerd op beschikbare literatuur en wetenschappelijk onderzoek. Deze adviezen zijn niet door ons opgesteld, maar worden in de vakliteratuur genoemd als onderbouwing voor goede welzijnspraktijken. Ze dienen als externe referentie en aanvulling op praktijkervaring.
- Huisvesting: hoog, rustig buitenverblijf (20–30 m² per koppel); veel horizontale rusttakken; binnenverblijf ± 2–3 m² per vogel, droog en stil.
- Klimaat: subtropisch/tropisch; temperatuur 18–28 °C; bij < 12–15 °C verwarmd binnenhok; luchtvochtigheid 60–80%.
- Sociaal: solitair of per koppel; nachtactief en rustgevoelig; minimale verstoring overdag noodzakelijk.
- Voeding: grote insecten (krekels, motten, sprinkhanen); voeren in schemering of avond; vitaminen- en calciumtoevoeging aanbevolen.
- Overig: natuurlijke rusttakken essentieel; broednest op horizontale tak; prikkelarme, donkere dagrustomgeving bevordert welzijn.
Man:
De man heeft een overwegend grijsbruin verenkleed met subtiele witte vlekken op de vleugels. De kop is donkerder met een lichte streep boven de ogen, die een scherp contrast vormt. De borst en buik zijn lichter van kleur, met een fijne bandering die naar de flanken toe vervaagt. De vleugels hebben een lichte glans, terwijl de staart mat is met een donkere eindband. De snavel is kort en breed, met een grijze tint en een lichte wasachtige basis. De poten zijn donkergrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn groot met een gele iris en een dunne, donkere oogring.
Vrouw:
De vrouw heeft een iets lichtere tint dan de man, met meer uitgesproken witte vlekken op de vleugels. De kop is minder contrastrijk, met een subtiele grijze streep boven de ogen. De borst en buik zijn lichtbruin met een fijne, onregelmatige bandering. De vleugels zijn mat en hebben een lichte, versleten uitstraling aan de randen. De snavel is vergelijkbaar met die van de man, maar iets slanker. De poten zijn lichtgrijs en hebben een iets ruwere textuur. De ogen hebben een gelige iris met een iets bredere oogring.
Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend grijs verenkleed met een lichte, onregelmatige vlekkenpatroon op de vleugels. De kop is egaal grijs zonder duidelijke strepen, wat een zachte uitstraling geeft. De borst en buik zijn lichtgrijs met een subtiele, vage bandering. De vleugels zijn mat en hebben een versleten uiterlijk aan de uiteinden. De snavel is kort en grijs, met een minder uitgesproken wasachtige basis. De poten zijn lichtgrijs en hebben een gladde structuur. De ogen zijn donker met een dunne, grijze oogring.
Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een zacht, grijs dons zonder duidelijke tekening. De ogen zijn gesloten en de snavel is klein en lichtgrijs.