Vogel
Trompetkraanvogel
Trompetkraanvogel
Grus americana
Log in om deze soort toe te voegenDe Trompetkraanvogel behoort tot het geslacht Grus uit de familie van Kraanvogels (Gruidae).
Deze vogelsoort is de hoogste vliegende vogel van Noord-Amerika en leeft voornamelijk in ondiepe wetlands, moerassen en rivierdelta's. Ze broeden in zoetwatergebieden in Canada en overwinteren in zoutachtige wetlands aan de kust van Texas. Ze zijn omnivoor en foerageren op een gevarieerd dieet van waterdieren, planten en kleine dieren. Tijdens migratie gebruiken ze grote open moerasgebieden en landbouwvelden als rustplaatsen.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Kraanvogelachtigen (Gruiformes)
- Bird Family
- Kraanvogels (Gruidae)
- Bird Genus
- Grus
Ringmaat
Welzijnsadviezen
Kraanvogels
Het welzijn van deze soort vraagt om zorgvuldige aandacht voor leefomgeving en huisvesting.
Om de kraanvogels op een verantwoorde en diervriendelijke manier te verzorgen, delen wij hieronder de belangrijkste aanbevolen richtlijnen.
- Voeding: variatie van planten, granen, dierlijke eiwitten of pellets.
- Sociaal: paren in broedseizoen, groepen buiten seizoen.
- Leefruimte: buitenverblijf met gras, beschutting en water.
- Klimaat: winterharde soorten buiten; subtropisch verwarmd; andere vorstvrij.
- Ruimte: grote soorten ± 200-300 m², kleine soorten ± 100-150 m², subtropische soorten ± 10 m² binnen.
Man:
Het mannetje heeft een overwegend wit verenkleed over het gehele lichaam, met zwarte vleugeltoppen die duidelijk zichtbaar zijn tijdens de vlucht. De kop is wit met een kale, rode kruin die doorloopt tot boven de ogen. De snavel is lang, recht en grijs tot hoornkleurig. De poten zijn zwart en lang, geschikt om in moerassige gebieden en graslanden te waden. De iris is donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont hetzelfde witte verenkleed en rode kale kruin. Ze is meestal iets kleiner en de snavel kan iets slanker zijn. De poten en iris zijn identiek aan die van het mannetje.
Juveniel:
Jonge vogels lijken op de volwassenen, maar het witte verenkleed is matter en licht grijzig. De rode kruin is nog niet volledig ontwikkeld. De snavel is korter en grijzer, de poten grijzer en de iris bruinachtig.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsbruin dons met lichte vlekken op de bovenzijde voor camouflage. De onderzijde is lichter, bijna beige. De snavel is kort en grijs, de poten grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel, poten en volwassen wit verenkleed zich volledig, evenals de karakteristieke zwarte vleugeltoppen en rode kale kruin.