Vogel
Tuamotustrandloper
Tuamotustrandloper
Prosobonia cancellata
Log in om deze soort toe te voegenDe Tuamotustrandloper behoort tot het geslacht Prosobonia uit de familie van Strandlopers en Snippen (Scolopacidae).
De Christmasstrandloper was een uitgestorven vogel die endemisch was op Kiritimati of Christmaseiland, een atol in de Grote Oceaan. Hij viel op door een illustratie van William Ellis tijdens de derde reis van kapitein James Cook. De vogel werd na 1850 niet meer gezien en is waarschijnlijk uitgestorven door de invoer van zoogdieren als zwarte ratten, honden en katten. Over het gedrag van deze vogel is weinig bekend, maar hij behoorde tot de familie van strandlopers en snippen.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Steltloperachtigen (Charadriiformes)
- Bird Family
- Strandlopers en snippen (Scolopacidae)
- Bird Genus
- Prosobonia
Ringmaat
Welzijnsadviezen
Snippen, strandlopers, ruiters, wulpen, grutto's
De Scolopacidae vormen een diverse groep steltlopers die in de natuur leven langs kusten, oevers en moerassen. In de avicultuur vragen ze om ruime, rustige verblijven met ondiep water, zachte bodem en veel gelegenheid tot foerageren en rusten. De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.
- Huisvesting: ruim buitenverblijf (50–80 m² per paar) met ondiep water (5–20 cm diep) en zachte modderige bodem; helft van het verblijf water, helft gras- of zandzones met lage vegetatie en open plekken; stenen of wortels als rustplaatsen; binnenverblijf ± 4 m² per paar bij kou of regen.
- Klimaat: goed koudetolerant; jaarrond buiten te houden met ijsvrij water en beschutting; tropische soorten vorstvrij bij >10 °C; goed geventileerd en beschut tegen wind en regen.
- Sociaal: leven in paren of kleine groepen; tijdens broedperiode territoriaal – ruime verblijven voorkomen conflicten; buiten broedtijd groepshuisvesting mogelijk bij voldoende ruimte.
- Voeding: insecten, wormen, larven, kreeftachtigen en watervogelpellets; levend voer (meelwormen, muggenlarven) stimuleert foerageergedrag; tijdens kweek extra dierlijk eiwit en vitaminen; altijd schoon zwem- en drinkwater.
- Overig: uitstekende waterkwaliteit en bodemhygiëne essentieel; zachte, goed gedraineerde bodem voorkomt pootproblemen; rustige, natuurlijke omgeving met terreinvariatie bevordert welzijn en broedsucces.
Man:
Het mannetje was een kleine steltloper van circa 18�20 cm lengte, met een slank postuur en korte poten. De kop en nek waren warm bruin met een fijne lichte wenkbrauwstreep en een donkere oogstreep. De borst was licht kaneelbruin met fijne streepjes, de buik vuilwit. De rug en vleugels waren donkerbruin met lichtere randen en kastanjebruine zweem, wat een geschubd patroon gaf. De staart was kort en bruin met lichte rand. De snavel was middellang, recht en zwart; de poten waren geelachtig tot groenbruin, en de iris donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje leek sterk op het mannetje, maar was gemiddeld iets kleiner en doffer van tint. De borst was lichter beige en minder contrastrijk, en de rugtekening egaler bruin. Snavel, poten en iris waren identiek aan die van het mannetje.
Juveniel:
Juvenielen waren matter en egaler zandbruin. De borst en buik waren lichtbruin tot beige met subtiele vlekjes, de rug zandkleurig met lichtere veerranden die een geschubd effect gaven. De snavel was donkergrijs, de poten vleeskleurig tot grijs, en de iris zeer donker. Bij de eerste rui verschenen de warmbruine tinten en fijnere tekening van volwassen vogels.
Kuiken:
De kuikens waren bedekt met zacht geelbruin dons, voorzien van donkere vlekken en lengtestrepen over rug en kop, een uitstekend camouflagepatroon in kust- en moerasgebieden. De onderzijde was vuilwit tot cr�me. De snavel was kort en donkergrijs, de poten vleeskleurig, en de iris zwartbruin. Het volwassen kleur- en patroonverschil ontwikkelde zich pas na de eerste rui.